E210032
Laatste revisie: 12-01-2023

E210032 - Voorstel voor een Verordening betreffende de aanpak van instrumentalisering op het gebied van migratie en asiel



Dit voorstel heeft als doel lidstaten te ondersteunen om de aankomst van personen die worden ingezet als politiek drukmiddel (geïnstrumentaliseerd) door een derde land, te beheren op een ordelijke, humane en waardige manier en met volledige eerbiediging van de grondrechten.


Stand van zaken

Behandelfase Eerste Kamer: behandeling in commissie Eerste Kamer.

nationaal

De commissie besprak de beantwoordingen van de regering en de Europese Commissie op 7 juni 2022 en besloot deze voor kennisgeving aan te nemen.

Europees

In de JBZ-Raad van 8 en 9 december 2022 (32.317, NO) wenste het Voorzitterschap van de Raad een gedeeltelijke Raadspositie aan te nemen. Op 7 december 2022 (32.317, NQ) bleek ecther in het Comité voor Permanente Vertegenwoordigers dat er niet voldoende steun was om een Raadspositie te bereiken. Enkele lidstaten vonden dat het voorstel niet stevig genoeg was, anderen hielden zorgen over samenhang met het asiel- en migratiepact of het niveau van waarborgen.


Kerngegevens

volledige titel

Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de aanpak van instrumentalisering op het gebied van migratie en asiel

document Europese Commissie

COM(2021)890PDF-document, d.d. 14 december 2021

rechtsgrondslag

Artikel 78(2) (d) en (f) en artikel 79(2) (c) VWEU

commissie Eerste Kamer

verwante dossiers


Behandeling Eerste Kamer

De commissie besprak de beantwoordingen van de regering en de Europese Commissie op 7 juni 2022 en besloot deze voor kennisgeving aan te nemen.

Op 25 mei 2022 stuurde de Europese Commissie een antwoord (EK, F) op de brief van 9 februari 2022.

Op 18 mei 2022 stuurde de staatssecretaris van J&V een antwoord op de brief van 19 april 2022 en werd het verslag van een nader schriftelijk overleg (EK, E) vastgesteld.

Op 19 april 2022 is de brief met nadere vragen verstuurd aan de staatssecretaris van J&V.

Op 12 april 2022 leverden de fracties van GroenLinks en PvdA gezamenlijk inbreng voor nader schriftelijk overleg.

Op 29 maart 2022 besprak de commissie het verslag van een schriftlijk overleg. Zij besloot op 12 april 2022 inbreng te leveren voor nader schriftelijk overleg.

Op 15 maart 2022 beantwoordden de minister en de staatssecretaris van J&V de brief met vragen van 8 februari 2022 en werd het verslag van een schriftelijk overleg vastgesteld (EK, D).

Op 9 februari 2022 is de brief met vragen (EK, B) verstuurd aan de Europese Commissie.

Op 8 februari 2022 is de brief met vragen verstuurd aan de staatssecretaris van J&V.

Op 1 februari 2022 leverden de fracties van GroenLinks en PvdA gezamenlijk en de PVV inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en de Europese Commissie.

Op 21 december 2021 besloot de commissie het voorstel in behandeling te nemen en op 1 februari 2022 inbreng te leveren voor schriftelijk overleg.


Behandeling Tweede Kamer

De commissie J&V stelde tijdens het schriftelijk overleg informele JBZ-Raad van 3 en 4 februari 2022 vragen over het voorstel. Op 1 februari 2022 zijn de vragen verzonden aan de ministers van J&V en BuZa en de staatssecretaris van J&V. De vragen zijn dezelfde dag beantwoord en op 3 februari werd het verslag van een schriftelijk overleg (32.317, 738) vastgesteld.

Op 20 januari 2022 besloot de commissie J&V op 28 februari 2022 schriftelijk overleg te voeren over het BNC-fiche. Het schriftelijk overleg wordt betrokken bij het schriftelijk overleg over de JBZ-Raad van 3 en 4 maart 2022.


Standpunt Nederlandse regering

Op 11 februari 2022 ontving de Kamer het BNC-fiche (EK, C) over het voorstel. Het kabinet vindt het belangrijk dat EU-lidstaten worden ondersteund wanneer zij geconfronteerd worden met misbruik van migratie voor geopolitieke doeleinden (instrumentalisering).

Het kabinet benadrukt dat de definitie van instrumentalisering en de bepalingen die aangeven wanneer een lidstaat de noodprocedure mag toepassen, goed op elkaar moeten blijven aansluiten. Ook onderstreept het kabinet dat de maatregelen tijdelijk moeten blijven en niet zondermeer mogen worden ingezet bij een verhoogde instroom aan de buitengrens. Daarbij merkt het kabinet op dat voorkomen moet worden dat het verlengen van de registratietermijn ertoe leidt dat meer personen ongeregistreerd binnen de Unie doorreizen.

Bevoegdheid

Het kabinet heeft een positief oordeel over de bevoegdheid van de EU voor het voorstel. Het kabinet kan zich vinden in de rechtsgrondslagen. Op het terrein van de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht is sprake van een gedeelde bevoegdheid tussen de EU en de lidstaten.

Subsidiariteit

De subsidiariteit van het voorstel beoordeelt het kabinet positief. De instrumentalisering van migranten om de EU en haar lidstaten te destabiliseren heeft volgens het kabinet een invloed op de EU als geheel. Daarom is volgens het kabinet optreden op EU-niveau nodig. Bovendien wijkt dit voorstel af van bestaande EU-regelgeving, hetgeen alleen mogelijk is door op te treden op EU-niveau, aldus het kabinet.

Proportionaliteit

Het kabinet oordeelt positief over de proportionaliteit van het voorstel. Het voorstel is volgens het kabinet geschikt om het doel te bereiken. De maatregelen zijn volgens het kabinet beperkt tot wat nodig is om de situatie te beheersen en beperkt in tijd. Het voorstel gaat hierdoor niet verder dan noodzakelijk, aldus het kabinet.

Krachtenveld

Het voorstel is nog niet besproken in de Raad en het Europees Parlement. De posities van het Parlement en de lidstaten zijn nog niet bekend. Naar verwachting zal het Europees Parlement overwegend kritisch zijn.


Samenvatting voorstel Europese Commissie

Dit voorstelPDF-document hangt samen met het voorstel tot wijziging van de Schengengrenscode (zie E210033). Het voorstel heeft als doel de lidstaat te ondersteunen door het opzetten van een specifieke noodmigratie-en asielbeheersprocedure en het voorzien in steun- en solidariteitsmaatregelen die nodig zijn om de aankomst van personen die worden ingezet als politiek drukmiddel (geïnstrumentaliseerd) door een derde land, te beheren op een ordelijke, humane en waardige manier en met volledige eerbiediging van de grondrechten. De belangrijkste kenmerken van de noodprocedure voor asielbeheer zijn de volgende:

  • de mogelijkheid voor de betrokken lidstaat om een ​​asielaanvraag in te dienen die enkel effectief is indien er sprake is van specifieke registratiepunten in de nabijheid van de grens, inclusief die behorend bij de grensovergang;
  • de mogelijkheid om de registratiedeadline te verlengen tot maximaal vier weken;
  • de mogelijkheid om de asielgrensprocedure toe te passen op alle aanvragen en de mogelijkheid om de duur daarvan te verlengen.

Verder breidt dit voorstel de mogelijkheid uit om afwijkende materiële opvangvoorzieningen in een situatie van instrumentalisering van migranten op te zetten op voorwaarde dat de basisbehoeften worden gedekt, waaronder tijdelijk onderdak, voedsel, water, kleding, adequate medische zorg, bijstand aan kwetsbare personen, met volledige eerbiediging van het recht op menswaardigheid.

Wat de steun- en solidariteitsmaatregelen betreft, voert het voorstel maatregelen in die gericht zijn op de behoeften van de lidstaat die wordt geconfronteerd met een instrumentalisering van migranten.


Behandeling Raad

In de JBZ-Raad van 8 en 9 december 2022 (32.317, NO) wenste het Voorzitterschap van de Raad een gedeeltelijke Raadspositie aan te nemen. Op 7 december 2022 (32.317, NQ) bleek ecther in het Comité voor Permanente Vertegenwoordigers dat er niet voldoende steun was om een Raadspositie te bereiken. Enkele lidstaten vonden dat het voorstel niet stevig genoeg was, anderen hielden zorgen over samenhang met het asiel- en migratiepact of het niveau van waarborgen.

In de geannoteerde agenda voor de JBZ-Raad van 13-14 oktober 2022 (32.317, NJ) geeft het kabinet aan dat het Voorzitterschap van de Raad is gestart met besprekingen over het voorstel. Het Voorzitterschap wil nog tijdens deze voorzitterschapsperiode (tot eind 2022) een Raadspositie bereiken over het voorstel.

In de databank EUR-Lex wordt de laatste stand van zaken in de Europese behandeling van het voorstel weergegeven.


Behandeling Europees Parlement

De commissie Burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (LIBE) van het Europees Parlement behandelt het voorstel.

In de databank OEIL van het Europees Parlement wordt de laatste stand van zaken in de behandeling van het voorstel weergegeven.


Standpunten andere lidstaten (IPEX)

Op 10 mei 2022 nam de Roemeense Senaat een standpuntPDF-document in over het voorstel.

Op 6 april 2022 nam de Tsjechische Senaat een resolutiePDF-document aan over het voorstel.

Op 25 februari 2022 nam de Tsjechische kamer van afgevaardigden een standpunt over het voorstelPDF-document in. Het standpunt is in het kader van de politieke dialoog verzonden aan de Europese Commissie.

In de databank IPEX wordt de behandeling van het voorstel in de diverse (kandidaat) lidstaatparlementen weergegeven.


Alle bronnen