Plenair Frentrop bij voortzetting debat naar aanleiding van de regeringsverklaring



Verslag van de vergadering van 15 februari 2022 (2021/2022 nr. 17)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 14.20 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Frentrop i (FVD):

Voorzitter, dank u wel. Het is bij mijn weten niet eerder voorgekomen dat meteen na de publicatie van de regeringsverklaring de Algemene Rekenkamer een spoedbrief aan het parlement stuurde om ons te waarschuwen tegen de plannen van de regering. Dit jaar gebeurde dat echter wel. De Algemene Rekenkamer schreef op 13 januari: "Het lijkt ons in democratisch opzicht ongewenst dat genoemde bedragen, bestemd voor publieke doelen, zich (deels) onttrekken aan het budgetrecht van de Staten-Generaal." In democratisch opzicht ongewenst, dat is nogal wat. Meestal oordeelt de Rekenkamer pas achteraf. Nu stuurt hij een waarschuwing vooraf. Het gaat volgens mij vooral over de 35 miljard die minister Jetten toebedeeld heeft gekregen om klimaatbeleid te maken. Graag hoor ik van de minister-president wat de regering denkt te gaan doen met deze tik op de vingers door een Hoog College van Staat. Zijn appreciatie van die brief aan ons, zal ik maar zeggen.

Voorzitter. De fractie van Forum voor Democratie wil in reactie op de regeringsverklaring graag vijf belangrijke punten aan de orde stellen. Het eerste is de leveringszekerheid van elektriciteit in relatie tot de klimaatplannen. Het tweede is het liberale karakter van het regeringsbeleid, ten derde het immigratiebeleid, ten vierde de vermogensrendementsheffing en ten vijfde de zogenaamde strijd tegen desinformatie. Ik zal het allemaal doen binnen de tijd.

Eerst het klimaat. Deze regering wil klimaatkampioen van Europa worden, maar waarom in hemelsnaam, vragen wij ons af. Zodat onze zeespiegel minder stijgt dan die van de Engelsen of die van de Belgen? We moeten volgens ons helemaal niet vooroplopen. Dat is nergens goed voor. We moeten de tijd nemen. Onbezonnen handelen levert grote risico's op voor onze welvaart en die risico's beginnen nu al duidelijk te worden. Drie jaar geleden, in maart 2019, kwam D66 met een verkiezingsposter waarop het toenmalig Kamerlid Jetten triomfantelijk stond te lachen naast de kolencentrale aan de Hemweg, die het jaar daarop vervroegd gesloten zou worden. Nou, dat is gelukt. Die centrale levert al twee jaar geen elektriciteit meer. Maar vorige maand zei TenneT, de beheerder van het elektriciteitsnetwerk: leveringszekerheid is in de praktijk niet langer een nationale aangelegenheid. Niet langer een nationale aangelegenheid, dat betekent dat de Nederlandse regering, deze nieuwe regering, niet meer kan garanderen dat het licht aan blijft. Worden wij een ontwikkelingsland? Voor die leveringszekerheid is nu minister Jetten verantwoordelijk. Daarom mijn tweede vraag: hoe denkt de regering deze leveringszekerheid veilig te gaan stellen, via welke internationale afspraken? Welke garanties kunt u wel gaan bieden?

Voorzitter. We zien zinloze klimaatplannen onze welvaart ondermijnen. Tegelijkertijd zien we dat de financiële discipline wordt losgelaten, en niet alleen door al die fondsen waar de Algemene Rekenkamer zo bezorgd over is. Geruisloos is ook de oude norm losgelaten dat het structurele tekort op de begroting 0% behoort te zijn. We doen nou voortaan maar 1,75%, geloof ik. Dat is potverteren in goede tijden. Dat brengt ons op het liberale karakter van de plannen. Het Centraal Planbureau rekende na dat de uitgaven van het regeerakkoord ergens uitkomen tussen wat de SP en wat de PvdA hun kiezers beloofden in hun verkiezingsprogramma's. Maar het is dus wat VVD, D66, CDA en ChristenUnie doen. Je stemt op de een en krijgt het beleid van de ander.

Voorzitter. De SP is niet meer marxistisch. De PvdA is niet meer socialistisch. Mijn fractie kan de collega's van VVD en D66 na lezing van de regeringsverklaring met de beste wil van de wereld niet meer liberaal noemen. Ik geloof dat zelfs de directeur van de TeldersStichting onze mening deelt. Met VVD en D66 als grootste deelnemende partijen zou dit kabinet het meest liberale kabinet sinds de negentiende eeuw moeten zijn. We hadden in de regeringsverklaring dus een schets verwacht van een terugtrekkende overheid die vrije burgers alle ruimte geeft om zelf hun geluk te bepalen en daaraan vorm te geven. Maar er staat het tegendeel. We zien alleen maar plannen voor een groei van de overheid, een overheid die zich vanuit een heilig geloof in de maakbaarheid van de samenleving tot in detail gaat bemoeien met het leven van de burger.

Mevrouw Mei Li Vos i (PvdA):

Nog even over het vorige. U geeft allerlei kwalificaties voor wat wij allemaal niet meer zouden zijn. Ik ben benieuwd hoe u zelf Forum voor Democratie kwalificeert en of daar misschien ook een verandering in is opgetreden.

De heer Frentrop (FVD):

Conservatief-liberaal.

Mevrouw Mei Li Vos (PvdA):

Ik vraag me af of de conservatieven en liberalen zich kunnen scharen achter dit idee, als we de uitlatingen van de heer Baudet, uw partijvoorzitter, af en toe horen.

De heer Frentrop (FVD):

Wat vraagt u zich af?

Mevrouw Mei Li Vos (PvdA):

Ik denk niet dat het zo is. "Conservatief" betekent: conservatief over bijvoorbeeld gezinswaarden. "Liberaal" past denk ik ook niet bij de uitlatingen die de heer Baudet geregeld doet.

De heer Frentrop (FVD):

U moet iets specifieker zijn. Anders kan ik er geen antwoord op geven.

Mevrouw Mei Li Vos (PvdA):

Nou, laat ik dan bijvoorbeeld de steun noemen die de heer Baudet uitspreekt voor Rusland. Dat vind ik toch niet passen bij een conservatief-liberale partij in Nederland. Wat vindt u daarvan?

De heer Frentrop (FVD):

We kunnen er wel een debat over voeren, maar ik kan mij niet herinneren dat de fractievoorzitter in de Tweede Kamer steun uitspreekt aan Rusland. Ik was er niet bij, maar ik denk dat hij gezegd heeft dat we verstandig moeten omgaan met onze oude vijand.

De voorzitter:

Mevrouw Vos, tot slot.

Mevrouw Mei Li Vos (PvdA):

Dat is niet de bedoeling van zijn uitspraken. Ik vraag me dan ook steeds meer af hoe u zich voelt bij het optreden van uw collega's aan de overkant.

De voorzitter:

Dan mevrouw Bredenoord namens D66.

Mevrouw Bredenoord i (D66):

Ik vroeg me af of de heer Frentrop bekend is met het werk van filosoof Isaiah Berlin, een van de grondleggers van het twintigste-eeuwse liberalisme. Hij maakt een onderscheid tussen negatieve en positieve vrijheid.

De heer Frentrop (FVD):

Nee, daar ben ik niet mee bekend.

Mevrouw Bredenoord (D66):

Eigenlijk is de kern van zijn gedachte: heel plat gezien denken mensen dat liberalisme het recht is om met rust gelaten te worden. Hij noemt het letterlijk the right to rot, om weg te rotten terwijl niemand naar je omkijkt. Het sociaal-liberalisme en de veel progressievere stromingen van het liberalisme benadrukken juist vrijheid in verbondenheid. Denk zelfs aan het kinderwetje van Van Houten. Daarin intervenieert een actieve overheid om te zorgen dat wij met z'n allen meer vrijheid hebben. Ik denk dat wat u zegt een heel specifieke opvatting is van het liberalisme, een marginale stroming.

De heer Frentrop (FVD):

Dat ben ik niet met u eens. Als we het over liberalisme hebben, denk ik dat we het moeten hebben over de kern van de zaak, dus niet over het sociaal-liberalisme, maar over het liberalisme. De kern van het liberalisme is: mensen verantwoordelijk houden voor hun eigen doen en laten. Dat is niet: de overheid laten zorgen voor eenieder. Natuurlijk moeten de zwaksten in de samenleving beschermd worden. Daar zijn liberalen ook mee begonnen voordat de socialisten dat deden. Maar de kern van het liberalisme is dat mensen het zelf moeten doen.

De voorzitter:

U moet de andere interruptiemicrofoon nemen. Anders bent u niet in beeld.

Mevrouw Bredenoord (D66):

Ik probeerde meneer Frentrop juist te laten zien dat dat allang niet meer de kern van het liberalisme is. Dat is een heel marginaal en ouderwets idee van liberalisme. Weinig of misschien zelfs geen mensen hier in deze zaal die zichzelf liberaal noemen, of die dat in hun partijnaam hebben, zullen zeggen: dat is liberalisme. Er zijn ook recente rapporten over het doenvermogen van mensen. Af en toe moet je dus je architectuur ook zo inrichten dat je mensen een handje helpt. Ik denk dat veel liberalen hier dat zullen erkennen. Het is dus een heel specifieke interpretatie en zeker niet dé kern van het liberalisme. Ik als liberaal voel me hier totaal niet door aangesproken.

De heer Frentrop (FVD):

Ik heb het er graag nog een keertje met u over, maar ik geef hierbij een appreciatie van het regeerakkoord, en daarin zie ik geen liberalisme.

De heer Otten i (Fractie-Otten):

Ik kan mij grotendeels vinden in de vorige spreker, maar ik wilde toch nog even terugkomen op waar mevrouw Vos het over had. Uw partijvoorzitter, politiek leider en grote roerganger noemde een paar dagen geleden op Twitter Poetin "de leider van conservatief Europa" en een "prachtige vent". Je kunt van alles vinden van Oekraïne en of we daar wel of niet aan moeten deelnemen — daar heb ik ook wel zo mijn ideeën over — maar Poetin "de leider van conservatief Europa" noemen en een "prachtige vent" ... Staat u ook achter deze omschrijving? Want het is nogal een boud statement over iemand die laat ik zeggen niet zachtzinnig met politieke tegenstanders omgaat. Dan heb ik het dus over Poetin, maar misschien ook wel over uw partijvoorzitter. Staat u daarachter?

De heer Frentrop (FVD):

Om hier goed antwoord op te geven, moet ik eerst even een schets geven van de politieke vernieuwing die wij hier in de Eerste Kamer hebben aangebracht. Het is voor de leden van de andere fracties misschien wel bekend, maar ik denk niet voor de mensen achter de regeringstafel. Ik wil dus maar even uitleggen dat wij bij Forum voor Democratie onze eigen oppositie hebben gecreëerd in de Eerste Kamer. Daardoor is er een fractie die bij welk onderwerp dan ook — nu is het de regeringsverklaring — dingen aan de orde gaat stellen die binnen Forum voor Democratie zijn voorgevallen of gesignaleerd. Dat is de Fractie-Otten. En in dit kader, nu we het dus hebben over de regeringsverklaring, vraagt de heer Otten mij wat ik vind van de uitspraak van de heer Baudet. Hij citeert dan een uitspraak van drie jaar geleden over de heer Poetin. Nou, dat vind ik geen verstandige uitspraak.

De heer Otten (Fractie-Otten):

Dan is dat in ieder geval duidelijk. Ik vind het ook geen verstandige uitspraak. Maar nu even over die eigen oppositie. Een aantal partijen hier aanwezig — GroenLinks, D66, VVD en ook het CDA, geloof ik — hebben nu Forum uitgesloten van deelname aan het bestuur. En nu doet u wel van niet, maar u heeft natuurlijk een grote rol gespeeld bij het creëren van die oppositie door allerlei machinaties een paar jaar geleden. Ik heb u toen ook ter plekke gezegd: u heeft de politieke vernieuwing ...

De voorzitter:

Ik stel toch voor dat wij teruggaan naar de regeringsverklaring. U bent nu buiten de orde, meneer Otten. We hebben het over de regeringsverklaring. Dus graag over de regeringsverklaring en anders krijgt u het woord niet. Gaat uw gang.

De heer Otten (Fractie-Otten):

Ik reageer op wat mij wordt gezegd, voorzitter. Ik word hier persoonlijk aangesproken, dus dan wil ik daar ook even persoonlijk op antwoorden.

De voorzitter:

Ja, maar die kans krijgt u dus niet van mij. Ik geef u het woord over de regeringsverklaring en anders geef ik u het woord niet. Dus gaat uw gang over de regeringsverklaring.

De heer Otten (Fractie-Otten):

Nou, ik wilde de heer Frentrop dus vragen hoe hij staat tegenover een aantal partijen hier in deze Eerste Kamer die zich er de afgelopen dagen over hebben uitgelaten dat zij niet met de partij van de heer Frentrop willen samenwerken. Die vraag stel ik dan in het kader van de regeringsverklaring, want we hebben het over nieuw beleid voor de komende jaren.

De voorzitter:

Dank u wel. Meneer Frentrop, nog heel kort en dan zou ik zeggen: vervolgt u uw betoog.

De heer Frentrop (FVD):

Volgens mij gaat dit over de gemeenteraadsverkiezingen. Daar wil ik het ook best over hebben.

De voorzitter:

Nee, dat gaan we niet doen. Ik stel voor dat u uw betoog vervolgt.

De heer Frentrop (FVD):

Moet ik niet reageren of wel reageren?

De voorzitter:

Vervolgt u uw betoog over de regeringsverklaring. U was goed bezig; gaat uw gang.

De heer Frentrop (FVD):

Dan zal ik de heer Otten straks buiten deze Kamer uitleg geven.

Voorzitter. We hadden het over het liberalisme en het socialisme. De fractie van Forum voor Democratie constateert dat er eigenlijk geen verschil meer bestaat tussen de regering en het linkse deel van de oppositie. Die situatie is al voorspeld door cultuurhistoricus J.W. Oerlemans. Op 14 februari 1990 schreef hij een artikel met de kop "Eenpartijstaat Nederland" in NRC Handelsblad. Hij schetst daarin een ontluisterend beeld van de Nederlandse politiek als een carrièreoligarchie, een kongsi van beroepsbestuurders die het land als een bedrijf besturen zonder dat ze ideologisch van elkaar verschillen. Nou, dat waren profetische woorden. Professor Oerlemans heeft gelijk gekregen. Het is zover. Ik hoorde de heer Rosenmöller vandaag ook al zeggen: goh, de oppositieleden staan eigenlijk dichter bij de regering dan je zou denken. De zes partijen die hij constructief noemt hebben meer gemeen dan hen scheidt. Hij vond dat een goede zaak, een positief midden, maar wij zien dat toch als een eenpartijstaat. Tenminste, wij vinden het die kant op gaan. Dat over het liberale karakter van de regering.

Dan immigratie. Ik wil niemand kwetsen, maar volgens Forum voor Democratie is de belangrijkste taak van de regering om de grens van het land te bewaken. Daarin faalt de regering. Die doet daar niet veel aan en dat is zorgelijk. Als u niet naar ons wilt luisteren, luistert u dan naar de Autoriteit Financiële Markten. Zelfs die begint zich nu zorgen te maken. Ik citeer uit een rapport van de AFM van 22 december vorig jaar, net voor de kerst. "De toename van het aantal Nederlanders met een migratieachtergrond is een belangrijke demografische verandering. Anno 2021 beslaat het aandeel inwoners met een migratieachtergrond ongeveer 25% van de totale bevolking. Dit aandeel stijgt naar verwachting verder naar circa 36% in 2050." Dat klopt, want de prognose van het CBS is dat er tot 2050 nog 2 miljoen mensen bij zullen komen, met name door immigratie. Wat stelt nu de AFM? Die zegt dat Nederlanders met een niet-westerse migratieachtergrond gemiddeld financieel kwetsbaar zijn. Het AOW-gat is een belangrijke bron van die financiële kwetsbaarheid. Taalbarrières bemoeilijken toegang tot financiële dienstverlening. Dat zijn de effecten van arbeidsmigratie uit het verleden, de vorige golf. Die arbeidsmigratie wordt nu weer bepleit.

De toezichthouder AFM maakt zich zorgen over de niet-westerse immigranten die nu in Nederland wonen. Wij van Forum voor Democratie maken ons ook zorgen over wat hun verarming en de voorspelde komst van nog 2 miljoen mensen betekenen voor alle Nederlanders die hier nu wonen. De regering doet dat blijkbaar niet, want het kabinet presenteert, net als al zijn voorgangers, geen serieuze plannen om verdere ongebreidelde immigratie tegen te houden, terwijl immigratie ingrijpende gevolgen heeft voor ons land, ingrijpender dan de vergrijzing. Immigratie maakt de verzorgingsstaat op termijn onhoudbaar. Dat weten we allemaal. Maar ja, zoals de staatscommissie-Remkes drie jaar geleden al zei: op belangrijke thema's, zoals Europa en migratie, wordt het electoraat inhoudelijk niet goed gerepresenteerd in de Tweede Kamer. Dat is nog steeds zo. Daar hebben de regeringspartijen na de verkiezingen niets aan gedaan.

Voorzitter. Slechte representatie van de kiezer, een feitelijke eenpartijstaat, een Rekenkamer die waarschuwt voor democratisch ongewenst boekhouden. Dat brengt mij automatisch op grondrechten, te beginnen bij het recht op eigendom.

De heer Schalk i (SGP):

Ik had nog een vraag aan de heer Frentrop over het thema asiel en migratie. Hij sprak over ongebreidelde migratie. Ik denk dat iedereen daar wel zorgen over zou kunnen hebben. Maar ziet hij ook dat er nog groepen zijn die ruimte moeten krijgen om naar ons land te komen?

De heer Frentrop (FVD):

U bedoelt asielzoekers?

De heer Schalk (SGP):

Ik bedoel asielzoekers die bijvoorbeeld vervolgd worden om hun geloof, die hun leven bedreigd zien en dergelijke. Is daar wat Forum voor Democratie betreft ruimte voor?

De heer Frentrop (FVD):

Ja, ik denk dat we daar als rijk en welvarend land altijd ruimte aan moeten bieden en ik denk dat we dat ook gedaan hebben en dat we daar best trots op mogen zijn. Maar ik denk ook dat die ruimte begrensd moet zijn. Er is allerlei onrust in allerlei delen van de wereld. Overal kan van alles gebeuren. Rechten van mensen worden vertrapt. Er zijn burgeroorlogen. Er is allerlei narigheid. Maar wij kunnen die niet allemaal opvangen. Er moeten een grens zijn.

De heer Schalk (SGP):

Een Bijbelse lijn zou kunnen zijn dat we kijken naar rechtvaardigheid en barmhartigheid. Het is rechtvaardig als mensen geen rechten hebben om hiernaartoe te komen. Zouden we kunnen afspreken dat we volledig barmhartig kunnen zijn voor zij die gewoon moeten, omdat ze bedreigd worden in hun leven, hun geloof en dergelijke?

De heer Frentrop (FVD):

Ik begrijp wat u bedoelt, maar je kan geen blanco cheque geven. Je kan niet zeggen: ongeacht hoeveel mensen er aan de deur kloppen, ze mogen allemaal binnen. Dat kan gewoon niet. Ik denk dat we verstandig moeten zijn, zeker ook barmhartig, maar vooral verstandig: zoveel mensen kunnen wij hebben. Ik vind dat geen gek beleid, maar je moet ergens een grens stellen. Je moet niet zeggen: iedereen die op de deur klopt, mag komen.

De voorzitter:

Tot slot, meneer Schalk.

De heer Schalk (SGP):

Ja, maar dat betekent dat je soms over je grens zal moeten gaan, zeg ik tegen de heer Frentrop. Iemand heeft een keer een hele korte definitie van barmhartigheid gegeven, die mij erg aansprak: barmhartigheid is in praktijk gebrachte liefde. Als we die ruimte bieden, denk ik dat ik begrip heb voor de stellingname van Forum voor Democratie van geen ongebreidelde toegang, maar wel ruimte voor die groepen.

De heer Frentrop (FVD):

Ik denk dat we het daarover eens kunnen worden.

De voorzitter:

U vervolgt uw betoog.

De heer Frentrop (FVD):

Ik wil het nu hebben over grondrechten, te beginnen met het recht op eigendom.

Voorzitter, weet u wat het verschil is tussen een struikrover en een belastingontvanger? Beiden ontnemen de burger geld, maar de belastingontvanger doet dat op wettelijke basis. De Nederlandse regering heeft van meer dan een miljoen burgers zonder wettelijke basis geld afgepakt. Zij noemt dat "vermogensrendementsheffing". Dat is volgens de hoogste rechter gewoon diefstal. Het gaat om diefstal van 4 miljard per jaar sinds 2017. Dat kan in het Guinness Book of Records als de grootste roof uit de geschiedenis. En ook als de brutaalste, want ieder jaar dat wij in deze Kamer zitten, heeft de fractie van Forum voor Democratie de regering opgeroepen om hiermee op te houden. Ieder jaar is die oproep genegeerd dan wel afgewimpeld. In plaats daarvan heeft de regering burgers gedwongen om jarenlang te procederen. Eindelijk heeft de rechter nu geoordeeld. Ik heb de regering nog niet eens sorry horen zeggen. Men spreekt van een tegenvaller. Dat is alsof een veroordeelde terrorist haar veroordeling afdoet als een showproces.

Dan het recht op vrijheid van meningsuiting. Toen de heer Rutte nog oppositieleider was — dat is lang geleden — opende hij in 2008 een vrijdenkersruimte.

Minister Rutte i:

Dat was Wilders toen! Nee, dat was ...

De voorzitter:

Wilt u niet door de zaal spreken zonder microfoon? De mensen thuis moeten kunnen volgen wat we hier zeggen. U krijgt straks een termijn, minister-president.

Vervolgt u uw betoog.

De heer Frentrop (FVD):

In 2008 opende de heer Rutte een vrijdenkersruimte, als ik het zo mag zeggen. Voltairecitaten vlogen ons destijds van alle kanten om de oren. Ik herinner mij nog dat de heer Rutte toen zei dt hij nooit had gedacht in Nederland nog de barricade op te moeten voor het vrije woord. Maar hij deed het! Alleen bleef hij daar niet lang staan en die vrijdenkersruimte werd al snel weer gesloten. Als lid van de regering kijkt de premier nu precies de andere kant op, lijkt het wel. Het vorige kabinet-Rutte zag al een rol voor zichzelf weggelegd bij wat wordt genoemd "het bestrijden van desinformatie". Ik las niet hoe deze regering wil doorgaan met deze hobby, maar ik roep u op daarmee te stoppen. Want zoals professor Oerlemans de eenpartijstaat voorspelde, voorspelde George Orwell in zijn roman 1984 dat bestrijden van desinformatie door de regering zal leiden tot een ministerie van waarheid. En dat moeten we echt niet willen. Ik roep de regering op om te vertrouwen in het oordeelsvermogen van de kiezer. Op basis van argumenten debatteren is prima, maar het bestrijden van desinformatie is slecht. Samengevat, wat deze regering wel doet is met geld strooien en grondrechten inperken, en wat de regering niet doet, is het inperken van immigratie. U zult begrijpen dat dit kabinet, in de ogen van de fractie van Forum voor Democratie, meteen bij de start het spoor al bijster is. Maar het kan nog op zijn schreden terugkeren. Wij roepen de regering daartoe op door vier maatregelen te nemen. De eerste is het stoppen van de immigratie en het onmiddellijk opzeggen van alle verdragen die dat in de weg staan. Wacht nou niet tot Frankrijk na de komende verkiezingen aldaar quota voor immigranten gaat invoeren, maar neem hier eens een leidende rol.

Ten tweede het door de Belastingdienst van Nederlandse burgers gestolen geld onmiddellijk terug te betalen en voor deze diefstal van de afgelopen vijf jaar meer verontschuldigingen aan te bieden dan De Nederlandse Bank deed vanwege de slavernij van lang geleden. En ten vierde nooit meer de term "bestrijden van desinformatie" gebruiken, maar gewoon, als dat nodig is, onjuistheden weerleggen in een open debat. Iets wat burgers overigens zelf heel goed kunnen en waarbij de overheid in principe niet nodig is.

O ja, wij lazen in de regeringsverklaring ook nog dat de regering een leidende rol wil nemen binnen de Europese Unie. Ik moet u bekennen dat er enig schaterlachen klonk in onze fractiekamer, toen we dat lazen. "Een muis die brult", zei mijn collega Dessing. Mijn collega Hiddema zei: "goh, laten we president Macron bellen en hem waarschuwen dat Nederland voortaan niet meer bij het kruisje tekent". We hebben echter besloten om dat niet te doen. We gaan rustig kijken hoe dat schip strandt. Desalniettemin wensen wij de regering wijsheid en sterkte bij het besturen van ons mooie land in de komende jaren.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Frentrop. De heer Rosenmöller van GroenLinks.

De heer Rosenmöller i (GroenLinks):

Ik heb één vraag, die voortvloeit uit een van de interrupties. De heer Frentrop zei dat hij anders aankijkt tegen de kwalificatie van de Russische president die zijn politiek leider heeft gegeven. Dat mag. Een paar weken geleden was er een vergelijkbare interruptie. Die ging over de kern van het vaccinatiebeleid. Uw politieke leider riep toen op om niet te vaccineren en u zei — toch ook geen kleinigheid: ik neem daar afstand van en ik kijk daar anders tegenaan. Dat veronderstelt dat, als je goed getimed nog een paar van dat soort interrupties plaatst, dat verschil groter wordt. Mijn vraag is: voelt u zich nog thuis bij Forum voor Democratie?

De heer Frentrop (FVD):

Daar kan ik een heel kort antwoord op geven, met één woord: ja.

De heer Rosenmöller (GroenLinks):

Of nee?

De heer Frentrop (FVD):

Ja, maar als u het toch zo vraagt, kan ik misschien wel schetsen of een beetje uitleg geven wat het verschil is tussen wat u elders in het land hoort en in deze Kamer van mensen van Forum voor Democratie. Ik denk dat iedereen binnen onze partij de analyse deelt van de problemen die er zijn en van de oplossingen die gevonden moeten worden. Maar een verschil is dat sommige mensen achter dingen die misgaan kwade opzet zien, terwijl de fractie hier in de Eerste Kamer altijd denkt: voordat je van kwade opzet uitgaat, moet je je misschien eerst afvragen of het niet gewoon domheid is. Als u verschillen ziet, ziet u die altijd op dat punt.

De voorzitter:

De heer Raven namens de OSF. O, de heer Rosenmöller heeft nog een kleine slotvraag.

De heer Rosenmöller (GroenLinks):

Nou, misschien meer een soort constatering. Dank voor deze reactie. Die geeft een beetje inzicht in de diversiteit van de partij. Dat is altijd behulpzaam bij een politiek oordeel.

De heer Frentrop (FVD):

Het was een genoegen, meneer Rosenmöller.

De voorzitter:

De heer Raven namens de OSF.

De heer Raven (OSF):

Ik wilde de heer Frentrop vragen wat hij vindt van de werkwijze van de GGD in de afgelopen tijd ten aanzien van de vaccinatie.

De heer Frentrop (FVD):

Ik heb u niet helemaal goed verstaan, sorry.

De heer Raven (OSF):

Ik zou u willen vragen wat u vindt van de vaccinatiecampagne die door de GGD is uitgevoerd.

De heer Frentrop (FVD):

De vaccinatiecampagne. Nou, wat ik ervan heb meegemaakt, is dat die buitengewoon goed georganiseerd was. Ik ben in een enorme hal in de RAI geweest.

De heer Raven (OSF):

Ik vraag het omdat u net iets zei over fake news en de bestrijding daarvan. U roept het kabinet op om dat vooral niet te doen. Ik lees in de eerste tweet op Forum voor Democratie: "Onze reportage over de ernstige misstanden omtrent de vaccinatie van kinderen. Kijk en oordeel zelf over de werkwijze van de GGD". U bent hier in de Eerste Kamer de vertegenwoordiger van Forum voor Democratie. Ik snap niet helemaal dat u dit schrijft en dan vervolgens dit antwoord geeft.

De voorzitter:

En dat in de context van het regeerakkoord.

De heer Raven (OSF):

Nou, voorzitter, dit is in de context van de inbreng van Forum voor Democratie.

De voorzitter:

Een kort antwoord.

De heer Frentrop (FVD):

Ik geloof dat de heer Raven verwijst naar een filmpje dat is gemaakt door een lid van onze Tweede Kamerfractie over de vaccinatie van kinderen zonder toestemming van de ouders. Bedoelt u dat? Ik heb daar verder geen mening over.

De heer Raven (OSF):

U kunt het zelf nakijken. Het is de eerste tweet die ik tegenkwam. U had het over desinformatie. Ik denk dat dit een heel verhaal van desinformatie is. Het past niet bij uw eigen gevoel dat de GGD heel slecht werk levert. Dat geeft u hier ook aan. Forum voor Democratie gooit hier een tweet de wereld in die gewoon desinformatie is.

De voorzitter:

Dank u wel.

De heer Frentrop (FVD):

Ja, misschien wel, maar ik kan u nog wel een paar voorbeelden van desinformatie geven. Maar misschien moeten we dat buiten het debat over de regeringsverklaring doen. We ronden het hiermee af.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Frentrop. Dan is het woord aan de heer Koffeman namens de Partij voor de Dieren.