Plenair Vlietstra bij voortzetting behandeling Verruiming sluitingsbevoegdheid ingevolge de Opiumwet



Verslag van de vergadering van 4 december 2018 (2018/2019 nr. 10)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 18.08 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Vlietstra (PvdA):

Voorzitter. Ik dank de minister voor zijn uitvoerige beantwoording en voor de toezegging aan mijn fractie om alle aandachtspunten die wij hebben genoemd ten behoeve van de monitor mee te nemen in zijn overleg met het onderzoeksinstituut. Ik ga er graag van uit dat die punten ook een goede plek zullen krijgen in de monitor.

Mijn fractie is het eens met de lijn van de minister: primair de strafrechtelijke aanpak maar daarnaast bestuursrechtelijke mogelijkheden waarmee de burgemeester de leefbaarheid in wijken en dorpen in stand kan houden. Eerlijk gezegd herken ik mij niet zo in het beeld dat sommigen hier schetsen dat burgemeesters zich gedragen als waren zij sheriffs, die ook zomaar overgaan tot sluiting van panden. Ik ken nogal wat burgemeesters, ook als oud-collega's, en mijn beeld is dat zij in de praktijk juist zorgvuldig en stapsgewijs hiermee omgaan. Dat zal ook wel moeten, omdat ze anders het risico lopen dat ze door de rechter worden teruggefloten.

Waar worden burgemeesters mee geconfronteerd? Ernstige aantasting van de leefbaarheid, overlastproblematiek en bewoners die, terecht, verwachten dat ze daar iets aan doen. Ik weet uit ervaring dat het huidige artikel 13b daarvoor onvoldoende mogelijkheden biedt. In die zin is de verruiming van dit wetsvoorstel een goede zaak.

Dat laat onverlet dat proportionaliteit en zorgvuldigheid daarbij uiterst belangrijk zijn. De minister is uitvoerig ingegaan op de proportionaliteit. Bij zorgvuldigheid heb ik genoteerd dat er een goede informatievoorziening voor de burgemeesters zal zijn, zodat zij weten hoe zij moeten omgaan met deze wet. Ik zou het op prijs stellen als ook het punt van de zwarte lijst waarop mensen in hun naïviteit of op een andere wijze die toch een beetje buiten hun eigen vermogen ligt, terecht kunnen komen, wordt meegenomen in dat overleg en die goede informatievoorziening voor burgemeesters.

Ten slotte over de experimenteerwet gecontroleerde wietteelt. Ik moet eerlijk toegeven dat het mij is ontgaan dat die wet in juli naar de Tweede Kamer is gegaan. Ik heb de minister horen zeggen dat het overleg met de VNG en de uitrol van de AMvB voortvarend verlopen. Het kost veel tijd maar de minister is ervan overtuigd dat het experiment er gaat komen. Ik zou het bijzonder prettig vinden als wij in deze Kamer ook nog deze experimenteerwet zouden kunnen behandelen, want dan hebben we in ieder geval een termijn waar we ons een beetje op kunnen richten.

Voorzitter. Het zal duidelijk zijn dat ik mijn fractie zal adviseren om voor dit wetsvoorstel te stemmen.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Vlietstra. Ik geef het woord aan mevrouw Strik.