Plenair Dittrich bij voortzetting behandeling Tijdelijke experimentenwet nieuwe stembiljetten



Verslag van de vergadering van 24 mei 2022 (2021/2022 nr. 29)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 21.22 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Dittrich i (D66):

Voorzitter, dank. Allereerst uiteraard dank aan de minister. Het is mij pas in dit debat goed duidelijk geworden dat er in voorgaande jaren veel testen zijn gedaan. Die zijn eigenlijk de opmaat geweest naar dit wetsvoorstel over experimenten. Dat is voor het begrip van het wetsvoorstel eigenlijk wel belangrijk om te weten. Dank dus dat de minister daar zo de nadruk op heeft gelegd.

Ik ben uiteraard heel erg blij met de toezegging van de minister, de ronde toezegging, om in het experimentenbesluit de geldigheid van de stem te laten meewegen als iemand maar één hokje heeft aangekruist, want dat was een grote zorg van D66 en die is hiermee weggenomen.

De minister heeft de evaluatiecriteria genoemd die in het experimentenbesluit opgenomen zullen worden. Misschien komen er nog wel meer bij. Ik heb niet de indruk dat dat een heel limitatieve opsomming was. Dat experimentenbesluit wordt aan beide Kamers toegestuurd, dus wij kunnen een vinger aan de pols houden.

Wat mijn fractie betreft is het wel belangrijk dat we ook goed gaan kijken naar de gevolgen van de nummering. Eén van de bezwaren tegen dit experiment is dat mensen tot nummers worden gemaakt. Het is natuurlijk heel lastig om helemaal uit te vogelen hoe dat dan zit in de hoofden van kiezers die gestemd hebben, maar het is wel belangrijk dat daar in elk geval naar gekeken wordt.

In de tweede termijn komt de minister nog terug op het aspect van poststemmen vanuit het buitenland en het openen van wellicht een postadres in 50 landen. Ik ben heel benieuwd naar de reactie van de minister daarop.

En dan ben ik al bij mijn conclusie, voorzitter, en die is dat het een beetje — ik moet als jurist toch een beetje een voorbehoud maken — van de brief van de minister afhangt, van de inhoud van de brief die zij gaat sturen. Stel dat die een heel nieuw licht op de zaak gaat werpen. Dan heb ik dit voorbehoud nodig, maar ik verwacht dat dat niet het geval is en dan kan ik mijn fractie adviseren om voor beide wetsvoorstellen te stemmen.

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Dittrich. Dan is het woord aan de heer Otten namens de Fractie-Otten.