Plenair Geerdink bij behandeling Incidentele suppletoire begroting inzake Herstel Toeslagen



Verslag van de vergadering van 23 februari 2021 (2020/2021 nr. 26)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 19.28 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Geerdink (VVD):

Dank u wel, voorzitter. Wie a zegt, moet ook b zeggen. A is in dit geval het toezeggen van een forfaitair compensatiebedrag van €30.000 voor 1 mei aan de gedupeerde ouders van de toeslagenaffaire en b is de wetgeving of een amendement waarin een moratorium, een pauzeknop, van een jaar wordt gecreëerd om ouders die het betreft zo veel mogelijk schuldenvrij verder te kunnen laten gaan met hun leven. Een herstel van een herstel van een herstel.

Juni vorig jaar hebben wij als Eerste Kamer de eerste hersteloperatie goedgekeurd. Die ging uit van maatwerk en menselijkheid. De operatie gaat te langzaam en vandaar de tweede grove herstelactie, die €30.000. Om deze tweede hersteloperatie te kunnen realiseren ligt nu de derde herstelmaatregel voor, een moratorium dat gelukkig weer uitgaat van maatwerk en aandacht.

In de nota naar aanleiding van het verslag staat dat het kabinet zelf overwogen heeft om een regeling te treffen, maar dat dat niet meer nodig was, omdat de Tweede Kamer een regeling aandroeg. Had de regeling die het kabinet voor ogen had dezelfde uitwerking gehad? Was het niet beter en misschien ook wel zorgvuldiger geweest om die zelf ter hand te nemen?

Dat brengt mij bij de toets op de juridische houdbaarheid en de doelmatigheid van het moratorium. De minister voor Rechtsbescherming heeft geoordeeld dat het amendement een tijdelijke — we hebben het er eerder over gehad — proportionele beperking van de uitoefening van het eigendomsrecht van de schuldeisers is, waarvoor voldoende rechtvaardigingsgronden bestaan, hetgeen het amendement verdedigbaar maakt in het licht van artikel 1 van het Eerste Protocol van het EVRM. In de nota naar aanleiding van het verslag wordt opgemerkt dat het moratorium niet op gespannen voet staat met de Faillissementswet en dat de uiteindelijke beoordeling aan de rechter is. Daarmee lijkt de basis voldoende doordacht. Graag verzoeken wij de staatssecretaris om een reflectie te geven op de rechtmatigheid en de doelmatigheid van het amendement.

Dan naar de uitvoering. Alles is erop gericht om een streep te zetten door de ellende die door de overheid veroorzaakt is en om weer door te kunnen gaan. Dat vergt veel overleg met publieke en private schuldeisers. Wat is de stand van zaken van deze overleggen op dit moment? Zijn de schuldeisers bereid om de schulden kwijt te schelden? Welke reële verwachtingen heeft de regering op dit punt?

Ouders aan wie €30.000 wordt uitgekeerd, worden eerst geïnformeerd over het feit dat hun gegevens worden gedeeld voor zover dat nodig is om het moratorium te kunnen handhaven of om een oplossing te vinden voor hun schulden. Het is niet nodig om toestemming te vragen, aldus de nota naar aanleiding van het verslag. Waarom is het niet nodig om toestemming te vragen? Is het niet juist zorgvuldiger om de ouders, al dan niet via hun zaakbehandelaar, te informeren en om toestemming te vragen? Leidt het niet juist tot meer begrip als de ouders weten wat er gedaan wordt? Dat is in hun eigen belang, maar ook in het belang van de Belastingdienst/Toeslagen.

Voorzitter. We zijn een jaar verder — a gezegd, b gezegd — en dat jaar blijkt toch niet ruim genoeg. Of de schuldeisers willen niet meewerken, of de ouders maken weer nieuwe schulden, of het merendeel van de schulden bestond uit strafrechtelijke veroordelingen of andere publieke schulden die niet kwijtgescholden mogen en kunnen worden. "Dan onderneemt de regering tijdige en transparante actie": dat is hier vaker aangehaald en dat lezen we ook in de nota naar aanleiding van het verslag. Maar waar moeten we dan aan denken?

De VVD begrijpt en onderschrijft het moratorium. De belofte van €30.000 maakt namelijk schuld. De Staat moet zijn belofte inlossen. Een goed voorbeeld doet hopelijk goed volgen. Je moet doen wat je belooft en zeggen wat je doet om een start te maken met een concrete oplossing voor de ouders, om een start te maken met het vierde cruciale herstel: het herstel van vertrouwen.

Voorzitter. De VVD kijkt met belangstelling uit naar de antwoorden op de gestelde vragen. Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. Het woord is aan de heer Schalk. Gaat uw gang.