Plenair Kuiper bij debat over Hoofdstuk XIIa (Reglement van Orde): Integriteit.



Verslag van de vergadering van 29 januari 2019 (2018/2019 nr. 16)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 20.03 uur


De heer Kuiper (ChristenUnie):

Dank u wel, voorzitter. Mijn fractie vindt het debat dat wij hier vandaag met elkaar hebben gevoerd belangrijk en waardevol. Wij hebben dat in alle openbaarheid gevoerd. Iedereen heeft kunnen zien hoe wij spreken over integriteit en de manier waarop wij willen functioneren. Dat is op zichzelf waardevol.

Voorzitter. Ik zal mij concentreren op een toelichting op mijn motie, die al een paar keer voorbij is gekomen maar waarvan de tekst nog niet hier publiek is gemaakt. Laat ik even een denkbeweging meemaken met mijn goede vriend Hans Engels. Deze goede vriend had ongeveer dezelfde redenering als ik had, namelijk de volgende. We hebben een debat gevoerd. We hebben allerlei dingen van elkaar gehoord. Dat divergeert op onderdelen, maar dat heeft ook wel overlappende consensus; laat ik die woorden gebruiken. Volgens mij is die consensus heel helder vast te stellen. Hij zit onder meer op het punt van een gedragscode. De heer Engels noemt die zelf ook in zijn motie. Ik ben hier niet alleen vandaag mee bezig geweest, maar ik heb er in de afgelopen tijd hier en daar ook echt gesprekken over gevoerd. Het is mij om het volgende te doen. Ik vind het belangrijk dat wij hier vandaag, en dus over twee weken, een uitspraak doen precies op dat punt, met als het kan zo veel mogelijk consensus. Ik denk dat dat belangrijk is, want de discussie zal na vandaag natuurlijk voortgaan en zij kan weer alle kanten op divergeren.

Maar laten we proberen om in ieder geval een paar dingen met elkaar vast te stellen. Ik vind het ook belangrijk dat dat een vaststelling is van de Kamer. Ik vind het belangrijk dat de voorzitter conclusies trekt, maar ik vind het ook belangrijk dat fracties zich hier dan uitspreken. Dat is de bedoeling van de motie, dat fracties zich erover kunnen uitspreken.

Het centrale punt voor mij in deze motie is dat wij komen tot een gedragscode op Kamerniveau. Nog niet alle fracties hebben zich daartoe openlijk bekend vanmiddag in het debat; de meeste wel. Maar ook daarom vind ik het belangrijk dat er een motie komt, zodat daar ook een uitspraak over kan komen van de Kamer als zodanig. Dus zo zie ik dit. Ik probeer het ook zo open mogelijk te formuleren, zodat we daar zo veel mogelijk in kunnen meenemen.

Voorzitter, ik wil toch nog iets ter toelichting zeggen over de motie, als u het goedvindt. Of wilt u dat ik dat na de indiening doe?

De voorzitter:

Het is langzamerhand een cliffhanger, die motie! U heeft haar al een paar keer genoemd, maar niemand weet waar ze over gaat.

De heer Kuiper (ChristenUnie):

Dan dien ik haar hierbij in, mevrouw de voorzitter!

De voorzitter:

De cliffhanger blijft maar aan het klif hangen, dus het lijkt mij verstandig om haar nu voor te lezen en dan kunt u daar weer van alles over zeggen.

De heer Kuiper (ChristenUnie):

Helemaal goed.

De voorzitter:

Door de leden Kuiper, Sent, Kox, Schalk, Baay-Timmerman, Ten Hoeve, Koffeman en Strik wordt de volgende motie voorgesteld:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het aanzien en het goede functioneren van de Eerste Kamer als onderdeel van de Staten-Generaal samenhangt met een integere en professionele invulling van het ambt van volksvertegenwoordiger;

overwegende dat de vereiste integriteit thans vooral behartigd wordt door fracties, maar daarnaast een meer uitdrukkelijke behartiging behoeft op het niveau van de Kamer en gebaat is bij explicitering van normen en gedragsregels die hierbij gelden;

constaterende dat de Eerste Kamer in haar Reglement van Orde een hoofdstuk kent (XIIa) met regels ten aanzien van de registratie van geschenken, reizen, nevenfuncties en geheimhouding, en dat toezicht hierop en naleving hiervan een punt van aandacht is;

constaterende dat, gelet op de discussie, aanvullende richtsnoeren c.q. gedragsregels wenselijk zijn met betrekking tot de volgende mede door GRECO genoemde thema's:

preventie van belangenverstrengeling;

omgang met geschenken en reizen;

contact met derden (lobbyisten);

openbaarmakingsvereisten;

verzoekt de Kamer voorstellen te laten ontwikkelen, mede op basis van wat reeds is ontwikkeld of wat behoort bij de usance van de Kamer, gelet op huidige (grond)wettelijke kaders, teneinde te komen tot een samenhangende gedragscode,

en gaat over tot de orde van de dag.

Zij krijgt letter G (CX).

De heer Kuiper (ChristenUnie):

Dank u wel, voorzitter. Er is nog een enkel woord ter toelichting. Ik stel mij het proces ook zo voor dat wij wat wij vandaag gewisseld hebben met elkaar, ook de door de SGP-fractie gevraagde compilatie van de gedragsregels van de fracties om daar dingen uit te destilleren, allemaal samen bekijken en bezien hoever we daarmee komen op weg naar het opstellen van zo'n gedragscode. Ik stel ook voor om dat wat wij dan ontwikkelen op die manier — dat is uiteraard ook met inschakeling van de griffie of door nog een andere commissie; dat maakt mij ook niet zo veel uit, maar we hebben een proces nodig — toetsen aan die vier door GRECO genoemde thema's. Ik heb die vier genoemd omdat ze in het nalevingsverslag van GRECO worden genoemd als wat in ieder geval als een soort minimum behartigd zou moeten worden als het Nederlandse parlement tot gedragscodes komt. Dat staat dus gewoon in het laatste nalevingsverslag van GRECO. Ik heb daarmee bedoeld een soort objectief kader te geven waaraan je dan zou kunnen toetsen.

Ik weet wel dat op ieder van die punten iedere fractie weer iets kan vinden. Dat spitste zich vanmiddag bijvoorbeeld toe op dat contact met derden, met lobbyisten. Met deze motie wordt helemaal niet gezegd hoe dat dan precies zou moeten gaan. Je kunt een algemene regel hebben zoals in het House of Lords. Sommigen van ons willen een register. Daar heb ik persoonlijk ook aarzelingen bij, maar laten we het daar dan gewoon over hebben in het College van Senioren of waar we het er ook verder over gaan hebben. In ieder geval is het belangrijk om naar GRECO duidelijk te maken dat we wat we ontwikkelen, toetsen aan die kaders en die thematieken die zij ons aanreiken. Het is een verzoek aan de Kamer. Hoe we het doen, is dus aan de Kamer. Dat zal in het College van Senioren wel besproken worden.

In dat dictum wordt ook uitgedrukt dat we nu reeds onze codes en usances hebben. Het gaat dus ook om explicitering van dingen die we nu ook al hebben. Dat is vanmiddag ook genoemd. Ik noemde nu zelf even de gedragsregels die bij de fracties aanwezig zijn. Dat zou dus allemaal meegenomen kunnen worden in dit proces.

Nog even vanuit mijn fractie een enkel commentaar op de motie van D66 die net is ingediend. Ik heb dus het idee dat wij een heel stuk samen oplopen, maar dat de motie van D66 inderdaad toch ook wel weer specifieker wordt. Want u spreekt over een ontwerp en ik heb het over voorstellen. Ik wil niet aan semantiek doen nu. Misschien komen we dicht bij elkaar, maar ik vind een ontwerp toch wel weer ietsje verder dan dat je praat over voorstellen. Van dat tweede dictum vraag ik me af of iedereen daar nou zo warm voor loopt. Ik zou het op zich dus wel mooi vinden als mijn goede vriend Hans Engels nog zou kunnen overwegen om zich aan te sluiten bij deze motie.

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Kuiper. Ik zou bijna zeggen: het wordt een beetje klef met die "goede vriend" de hele tijd, maar goed! Ik geef het woord aan de heer Ten Hoeve.