Plenair Ten Hoeve bij voortzetting Algemene financiële beschouwingen



Verslag van de vergadering van 20 november 2018 (2018/2019 nr. 8)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 22.23 uur


De heer Ten Hoeve (OSF):

Dank u wel, voorzitter. Ik dank ook de minister en de staatssecretaris voor hun uitgebreide beantwoording. Ik ben het met heel veel eens en daar hoef ik niet meer op in te gaan. Eén ding is boven de markt blijven hangen en wel met betrekking tot het vestigingsklimaat. Het eerste punt is de verlaging van de Vpb-tarieven: betekent dit een race naar de bodem? De staatssecretaris twijfelt er erg aan en meent dat het met de ontwikkeling van de laatste tientallen jaren, moeilijk wordt om waar te kunnen maken. Daar houd ik mijn twijfels. Het tweede punt is of het wel zinvol is om nu te streven naar een beter vestigingsklimaat en daar veel geld voor uit te trekken. Ik houd het toch maar op die 3 miljard. Wat willen we daarmee bereiken? Nieuwe bedrijven en investeringen. Maar betekent dat in de praktijk niet vooral extra vraag naar hoger opgeleiden en technisch geschoolden? Die zijn daarvoor nodig en die hebben wij niet. We hebben juist een hoop vacatures in die sectoren. Is dat straks het effect of denken de minister en de staatssecretaris dat het juist de oplossing zal geven voor onze problemen: te veel vacatures, te veel files, te weinig woningen, te veel vervuiling en een noodzaak om tot klimaatoplossingen te komen? Daarover hoor ik een van beide heren heel graag.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Ten Hoeve. Ik vraag aan beide bewindslieden of zij direct kunnen antwoorden, of dat zij een schorsing wensen. Ik zie de minister ja knikken, dus hij kan meteen antwoorden.

Dan geef ik voor de tweede termijn van de kant van de regering het woord aan de minister van Financiën.