Plenair Van Hattem bij behandeling van het onderdeel 'wonen' van de begroting Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2022



Verslag van de vergadering van 21 december 2021 (2021/2022 nr. 12)

Status: gerectificeerd

Aanvang: 11.54 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Van Hattem i (PVV):

Dank, voorzitter. Ik wil in deze tweede termijn nog eventjes terugkomen op de opmerking die de heer Kox van de SP maakte over het kerstverhaal in deze tijd, over de stal in Bethlehem. Hij koppelde enige kritiekpunten aan de kindermoord van Bethlehem. Allereerst, als die situatie zich had voorgedaan in deze tijd, was er al sprake van opvang in de eigen regio. Ten tweede, als het statushouders of asielzoekers waren geweest, was er waarschijnlijk met het EVRM in de hand gezegd: we nemen geen genoegen met opvang in een stal tussen een os en een ezel; dat moet op zijn minst een hotelarrangement of een cruiseschip worden. Dat even in de richting van de heer Kox. Gelukkig waren Maria en Jozef dankbare mensen, die in een stal hun heenkomen konden vinden.

Voorzitter. Dan kom ik bij nog wat openstaande dingen. Ik hoorde de minister net toezeggen dat die inventarisaties ter beschikking worden gesteld aan de Kamer, waarvoor dank. Het verbaast me wel dat dat pas medio volgend jaar gaat gebeuren, want ik lees in stukken van het ministerie van Justitie en Veiligheid, in de lijst van vragen en antwoorden bij hun begroting, bij vraag 584, waarin het Rijksvastgoedbedrijf als onderdeel wordt genoemd van BZK, dat die inventarisaties al zijn gemaakt. Er staat hier dat ze zíjn geïnventariseerd. Ook wat mijn tweede punt betreft, over de locaties die eigendom zijn van het Rijk, staat dat er met andere betrokken partners ís geïnventariseerd. Ik neem dus aan dat het al heeft plaatsgevonden. Dan vraag ik de minister waarom dat dan niet eerder kan. Ten tweede staat erbij dat het gaat om locaties die met spoed gereed kunnen worden gemaakt. Als dat met spoed is, vraag ik me af waarom dat dan ook pas volgend jaar kan.

Voorzitter. Dan nog een tweede puntje. Ik had ook nog gevraagd welke rechtsmiddelen omwonenden kunnen inzetten voor zo'n tijdelijke inzet van huisvesting voor statushouders. Een bestemming die er eigenlijk niet voor bedoeld is, wordt tijdelijk gebruik opgelegd. Met dat tijdelijke gebruik hebben omwonenden heel weinig rechtsmiddelen, dus ik hoor graag van de minister welke rechten omwonenden nog hebben als dit van bovenaf wordt opgelegd.

Voorzitter, tot zover in tweede termijn.

De voorzitter:

Dank u wel. Als laatste in deze termijn geef ik het woord aan de heer Kox van de SP-fractie.