Plenair Verkerk bij voortzetting behandeling Goedkeuringswet derde verlenging geldingsduur Twm covid-19



Verslag van de vergadering van 23 november 2021 (2021/2022 nr. 7)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 23.51 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Verkerk (ChristenUnie):

Voorzitter. Ik wil beginnen met het bedanken van beide ministers en hun staf, die toch al die vragen hebben beantwoord. Ik vind het toch heel knap hoe beide ministers zo'n heel debat, dat 's morgens om 09.00 uur begint, met al z'n ups en downs toch welgemoed bijwonen en daar toch steeds weer fris op reageren. Dank u wel daarvoor.

Voorzitter. Ik wil ook de minister van VWS danken voor zijn constructieve reactie op het democratische paradigma wat ik heb voorgesteld en voor zijn toezegging om daar nader op in te gaan als hij een reactie zal geven op het rapport van de WRR en de KNAW. Nogmaals hartelijk dank daarvoor.

Voorzitter. Ik heb nog gevraagd of de minister al dan niet de adviezen van het OMT volgde. In relatie daarmee heb ik ook gevraagd of we niet half september te veel hebben losgelaten. Ik was blij met de uitleg dat toen u ging nadenken over de 1,5 meter de vraag is gesteld of dat wel proportioneel was. Ik vond dat een goede uitleg. Bij mij kwam nog wel één ding naar voren en dat wil ik aan u voorleggen. Als ik kijk naar het virus en ik stel mezelf de vraag of dat te managen is — ik heb 30, 40 jaar managementervaring, dus ik denk dat ik dat woord wel mag gebruiken — kom ik tot de conclusie dat het een heel complex probleem is. Het virus is grillig. Er zijn ontzettend veel factoren die we niet of onvoldoende kennen. Er zitten lineaire verbanden in, er zitten niet-lineaire verbanden in en er zitten exponentiële verbanden in. Misschien dat je af en toe in een hogere ordening komt. U kent de chaostheorie. Als je dat allemaal meeneemt, moet je dus tot een conclusie komen. Als je met de kennis van nu — dus niet de kennis van een aantal maanden geleden — bepaalde limieten stelt, en je kent dat systeem niet goed, wat betekent dat dan voor de zekerheden die je inbouwt? Daar zou ik de minister over willen vragen: kan het zijn dat je, gezien al die onzekerheden, juist extra voorzichtig moet zijn, of juist niet?

Ik dank ook voor datgene wat minister Grapperhaus zei rond naleving, controle en handhaving. Ik zei dat ik er nog op terug zou komen. Ik zou u toch nog de volgende vragen willen stellen. Die hoeft u niet nu te beantwoorden. Eigenlijk heb ik liever later een brief. Dan kan er nog diep over nagedacht kan worden; laat ik het maar even zo uitdrukken. Zal het huidige beleid leiden tot een doorbraak in de naleving, de controle en het handhaven? Of moeten we zeggen dat het best goeie plannen zijn, die best leiden tot een verbetering, maar niet tot de echte doorbraak? Op één punt ondersteun ik dan ook datgene wat de collega van de SGP, de heer Van Dijk, zei: natuurlijk moeten de naleving en de handhaving en de controle maximaal op orde zijn.

Voorzitter. Ik ben het ook wel eens met het commentaar van collega De Boer, die sprak over de vele zorgen die zijn geuit over de polarisatie. Ik heb, toen ik de beide verhalen of paradigma's beschreef, dat bewust zo veel mogelijk in neutrale termen gedaan. Ik weet niet of het mij helemaal gelukt is; dat zal ongetwijfeld niet. Maar ik heb dat bewust gedaan. Dat heeft te maken met het feit dat ik ook geleerd heb uit gesprekken met anderen hoe gemakkelijk je de polarisatie zelf kunt aanzwengelen door een verkeerd woordgebruik, of een zekere eenzijdigheid in je argumentatie. Ik ben daar in ieder geval een paar keer hard tegenaan gelopen.

Dus ik zou toch iets aan de ministers willen vragen. Die vraag hoeven ze ook niet nu te beantwoorden, misschien juist beter niet nu, maar na een discussie met mensen die er van alles van afweten. De vraag is hoe wij hier als politici mee om kunnen gaan, zodat wij ook de juiste dialogen aangaan. Ik denk trouwens niet dat talkshows de beste plekken zijn; ik kijk ze in ieder geval niet, en ik zou u toch wel graag willen zien als u spreekt, maar dat zij zo. Dus die vraag zou ik willen stellen.

Ten slotte zou ik willen meegeven dat onze fractie heel positief zal adviseren over de verlenging van de Twm. Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Verkerk. Dan is nu het woord aan de heer Otten namens de fractie-Otten. En ik wijs iedereen erop dat over drie minuten de maatregelen van morgen ingaan.