Plenair Van Hattem bij behandeling Coronatoegangsbewijzen / Quarantaineplicht voor inreizigers / Maatregelen COVID-19



Verslag van de vergadering van 25 mei 2021 (2020/2021 nr. 38)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 10.29 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Van Hattem (PVV):

Voorzitter. Terwijl Nederland hunkert naar de terugkeer van onze vrijheid, besluit het demissionaire kabinet met een pennenstreek de spoedwet en de daaraan verbonden maatregelen weer voor drie maanden te verlengen, tot 1 september. En dat terwijl de ziekenhuisopnames en het aantal besmettingen al wekenlang met rasse schreden dalen. Het demissionaire kabinet pakt gewoon door op het volgende velletje carbonpapier, met de afdruk van de spoedwet die sinds 1 december 2020 van kracht is. Een wet die de grondrechten en burgerlijke vrijheden ernstig inperkt en grondslag biedt om, wanneer het dit kabinet goeddunkt, zeer ingrijpende maatregelen te nemen, maatregelen waarvan het onbewezen is of ze effectief zijn, zoals de avondklok, en die met deze wet in de hand zelfs overdag kunnen worden afgekondigd. Dit zijn veelal maatrelen die de samenleving opzadelen met een enorme bureaucratie, boetes en betutteling, en in de praktijk niet effectief bijdragen aan de aanpak van de coronacrisis.

Nederland wil zijn vrijheid terug. Heel veel sectoren kunnen nu al verantwoord open. Wat de PVV betreft stoppen we nu al sowieso met alle maatregelen en boetes in de buitenlucht. Daar vinden immers vrijwel geen besmettingen plaats. Deze spoedwet zou niet verlengd moeten worden alsof het een nieuw normaal is. We moeten juist werken aan de terugkeer naar het oude normaal. De verlenging van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19, de Twm, is door de minister zeer summier onderbouwd. Zo stelt hij in het besluit: "De Twm en de maatregelen die op grond daarvan zijn genomen, zijn namelijk onverminderd noodzakelijk om de uitbraak van COVID-19 te bestrijden". De minister doet hier een aanname, zonder deze nader te onderbouwen. Kan de minister nader toelichten waarop deze onverminderde noodzakelijkheid gebaseerd is? Waarom geeft de minister geen toetsbare indicatoren voor de verlenging van deze wet en maatregelen, zoals gevraagd in de bij de invoering van de Twm aangenomen motie-Van Hattem? Graag een reactie van de minister.

De minister baseert het verlengingsbesluit op het 109de OMT-advies van 19 april jongstleden. Dit advies stelt nog dat in de daaraan voorafgaande week het aantal meldingen van positief geteste personen is toegenomen met 9%. We zijn inmiddels meer dan een maand en verschillende OMT-adviezen verder, en het aantal positief geteste personen en het aantal ziekenhuisopnames vertonen sindsdien een duidelijk dalende lijn, zoals ook te zien is op het coronadashboard. Kan de minister aangeven waarom hij bij het in werking laten treden van het verlengingsbesluit per 1 juni niet uitgaat van de meest actuele gegevens, die juist een heel andere tendens laten zien dan de ontwikkelingen begin april? Is de minister bereid tot een heroverweging, gelet op deze cijfers? Ook stelt de minister: "Alle indicatoren wijzen er echter nog steeds op dat de huidige situatie past bij het risiconiveau zeer ernstig." Kan de minister aangeven op welke indicatoren hij hier concreet doelt en welke wegingsfactoren en grenswaarden hij bij deze indicatoren heeft gebruikt?

Verder geeft de Raad van State in zijn advies bij dit verlengingsbesluit aan: "Zo stelt de stand-van-zakenbrief van 13 april 2021 op pagina 16 dat voor de eerste versoepeling het aantal dagelijkse ziekenhuisopnames leidend is, zonder dat wordt ingegaan op de betekenis van de eerder genoemde indicatoren. De Afdeling wijst hierbij op bijvoorbeeld de R-waarde, maar merkt overigens ook op dat de verhouding tussen het openingsplan, de inschaling op de routekaart en de betekenis hierbij van de indicatoren van het coronadashboard onduidelijk is." Daarmee gaat de Raad van State mee in de kritiek die ik eerder in het interpellatiedebat heb geuit op de omgang van het kabinet met indicatoren. De minister geeft wel bepaalde zaken als indicator aan, zo stelde hij in het interpellatiedebat "dat ziekenhuisopnames het meest bepalend zijn als epidemiologische parameter", maar blijven de wegingsfactoren bij die indicatoren onduidelijk. Kan de minister aangeven hoe hij wil omgaan met deze opmerking van de Raad van State dat de betekenis van deze indicatoren onduidelijk is? Kan de minister aangeven of hij deze kritiek van de Raad van State ter harte wil nemen voor een effectievere uitvoering van de motie-Van Hattem?

En om terug te komen op de verlenging van de maatregelen: als de ziekenhuisopnames de meest bepalende indicator zijn, dan zou de verlenging van de spoedwet, gelet op de eigen logica van de minister, niet onverminderd noodzakelijk zijn. Kan de minister dit toelichten en ook aangeven waarom allerlei maatregelen nog worden gecontinueerd die totaal geen bewezen effect hebben, zoals de maatregelen in de buitenlucht, zoals de beperkingen voor terrassen en daarnaast bijvoorbeeld de verboden verkoop van alcohol door supermarkten na 20.00 uur 's avonds? Wat zijn de indicatoren en wegingsfactoren om de effectiviteit van deze maatregelen te kunnen beoordelen? Waarom moeten horecaondernemers, winkeliers en hun klanten nog langer en onnodig lastig worden gevallen met deze staatsdwang en willekeur, als er geen enkel effect aangetoond kan worden?

Voorzitter. Tot slot: in 1984 stelde de vrijemarkteconoom en Nobelprijswinnaar Milton Friedman in zijn boek Tyranny of the Status Quo: "Nothing is so permanent as a temporary government program". Deze Tijdelijke wet maatregelen covid-19 moet ook niet steeds een permanenter karakter krijgen. Hij moet niet het nieuwe normaal worden. Nederland moet juist af van deze spoedwet en zo snel mogelijk terug naar ons oude normaal.

Voorzitter, tot zover in eerste termijn.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Van Hattem. Dan geef ik graag het woord aan uw fractiegenoot, de heer Van Strien.