Plenair Kuiper bij voortzetting behandeling Algemene Europese Beschouwingen



Verslag van de vergadering van 8 maart 2016 (2015/2016 nr. 22)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 22.10 uur


De heer Kuiper (ChristenUnie):

Voorzitter. Ook de fractie van de ChristenUnie dankt de minister voor de antwoorden en voor het inhoudsvolle debat dat wij hier voeren. Het debat begon met een bezorgde toon over verdeeldheid in Europa, maar werd ook gekenmerkt door hoop en het zoeken van wegen van hoop: hoe kan Europa verder? Ik vond het bijzonder dat hierbij zo openlijk is gesproken over verschillende snelheden en misschien een voorkeur voor verdieping boven verbreding of uitbreiding, ook naar aanleiding van de bijdrage van collega Knapen. Het is hier wel vaker genoemd, maar nog nooit zo expliciet, concreet en openlijk dat het ook een weg van hoop zou kunnen zijn. De Europese Unie wordt door mijn partij gezien als een samenwerking tussen gemeenschappen, volken zo u wilt, maar die moet wel een bepaalde kwaliteit hebben.

In dat verband wil ik ook iets zeggen over het begrip "waardegemeenschap", dat vandaag een heel aantal keren voorbij is gekomen. Er wordt gezegd dat Europa een waardegemeenschap is, maar waarden vragen natuurlijk om onderhoud. Het gaat ook om de kwaliteit van die waarden. Terecht is gezegd dat als wij het daarover hebben, het ook weleens een stresstest zou kunnen zijn. Die Europese gemeenschappen die met elkaar iets willen, moeten daarover wel het gesprek kunnen voeren. Dat die waarden niet vanzelfsprekend de basis zijn, was ook een van de lijnen in mijn betoog. Het wordt spannender naarmate je verder naar Oost-Europa gaat en daar op houdingen stuit van xenofobie en het niet willen meewerken aan het opvangen van de vluchtelingenstroom. Ik moedig de minister aan om ook dat gesprek in het kader van de rechtsstatelijkheidsdialoog echt te voeren.

Dan iets over de gesprekken met Turkije. Ik heb inderdaad gezegd hoe belangrijk het is dat die plaatsvinden vanuit een positie van kracht. Ik vind het nog steeds niet helemaal geloofwaardig dat gesprekken over de toetreding van Turkije nu eigenlijk worden gevoerd vanuit de context van onderhandelingen over een andere zaak. De onderhandelingen gaan immers over een andere zaak. We willen met Turkije kunnen spreken over de oplossing van het vluchtelingenprobleem. Vanuit die context komt nu ineens ook de vraag om weer eens te spreken met Turkije over de toetredingscriteria. Als we dat op deze manier doen, zit daar iets ongeloofwaardigs in. Ik breng mijn zorg daarover nog eens voren en onderstreep wat een aantal collega's al heeft gezegd, namelijk dat die positie van kracht een aantal keuzes en een aantal oplossingen vergt aan Europese zijde.

Dan de transparantie en de rol van nationale parlementen. Ik heb gevraagd wat voor soort analyse daaronder zit en wanneer we de situatie hebben bereikt die we zouden willen bereiken. De minister zegt dat er aan transparantie wordt gewerkt en erkent het belang ervan. Dat was het ongeveer, dat eraan wordt gewerkt. Wat gebeurt er precies? Ik zou toch graag een iets scherpere analyse willen op dit punt. Waarom is dit nodig en waarom zijn wij dit aan het doen? Het gaat er wat mijn fractie betreft om dat de nationale parlementen weer echt goed in positie worden gebracht.

Ik heb in eerste termijn niet gesproken over Oekraïne. Wij hebben indertijd het associatieverdrag ook in deze Kamer gesteund. Onze opvatting hierover komt overeen met wat de minister onder woorden heeft gebracht. Op die manier kijkt de ChristenUnie ook naar het referendum dat aanstaande is.