Dinsdag 24 maart 2026, commissie Immigratie & Asiel / JBZ-Raad (I&A/JBZ)




Agenda

1.Vaststellen agenda (LET OP: VERGADERING IS AANSLUITEND AAN I&A/JBZ + J&V)


2.36332, C

Verslag van een schriftelijk overleg met de minister van A&M over het voorgenomen wetswijzigingstraject om de arbeidsmarkttoets voor de blauwe kaart weer uit de Vreemdelingenwet te schrappen; Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders

Beslispunten

  • wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 11 maart 2026 met de minister in nader schriftelijk overleg te treden?
  • kan de commissie ermee instemmen de behandeling van wetsvoorstel 36332 (Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders) op te schorten totdat de Tweede Kamer de nog in te dienen novelle bij dit wetsvoorstel heeft aanvaard?

Toelichting

Op 27 mei 2025 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders (36.332) aangenomen. De commissie heeft vervolgens op 3 juni 2025 de procedure besproken en een datum voor het leveren van inbreng voor het verslag vastgesteld, namelijk 1 juli 2025. Tevens heeft zij de toenmalige minister van A&M a.i. een brief gestuurd, waarin werd gevraagd een uitvoeringstoets aan te leveren waaruit zou blijken dat de partners in de asielketen in staat zijn om de bij het wetsvoorstel gedane voorstellen daadwerkelijk en redelijkerwijs uit te voeren. Er is nog geen inbreng geleverd, want de (toenmalige) minister van A&M op heeft pas op 30 januari 2026 inhoudelijk gereageerd op het verzoek van de commissie. De reactie richtte zich op artikel 15a van de Vreemdelingenwet 2000 zoals aan het wetsvoorstel toegevoegd door de amendementen-Saris (NSC) over de arbeidsmarkttoets en het looncriterium (nrs. 48 en 49). De minister concludeerde dat de IND en UWV het wetsvoorstel in deze vorm niet uitvoerbaar achten en kondigde een nieuw wetsvoorstel aan om de arbeidsmarkttoets voor de blauwe kaart weer uit de Vreemdelingenwet 2000 te schrappen.

Bij brief van 10 februari 2026 heeft de commissie de minister om nadere informatie over het aangekondigde wetsvoorstel en het tijdpad daarvan gevraagd. De (huidige) minister heeft bij brief van 11 maart 2026 geantwoord. Hij bevestigt dat het bij het wetsvoorstel om een novelle gaat en verzoekt de Kamer de novelle en het oorspronkelijke wetsvoorstel gelijktijdig te behandelen. Concreet betekent dit dat de commissie de behandeling van wetsvoorstel 36332 voorlopig op zou moeten schorten. Qua tijdpad meldt de minister dat indiening van de novelle bij de Tweede Kamer voor het zomerreces wordt beoogd.


Bespreking van verslag schriftelijk overleg en wijze van behandeling behandeling van wetsvoorstel 36332 (Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders)

3.36859 / 36851 / 36332, D

Brief van de minister van A&M over de planning van wetgevingsprocedures op het gebied van asiel en migratie; Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders

Beslispunt

Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 11 maart 2026 met de minister van A&M in overleg te treden of de in de brief genoemde wetsvoorstellen af te wachten?

Toelichting

In de thans geagendeerde brief wil de minister van A&M de Kamer "meenemen in een aantal wetgevingsprocedures op het gebied van asiel en migratie die uw aandacht vragen". Het betreft:

  • het nog in te dienen wetsvoorstel waarmee weer een horizonbepaling wordt toegevoegd aan de nationale bevoegdheid om biometrische gegevens van vreemdelingen af te nemen en te verwerken. Indiening bij de Tweede Kamer vindt op zijn vroegst kort voor het zomerreces plaats. Het wetsvoorstel is toegezegd tijdens de voor de Kamer onbevredigend verlopen behandeling van het voorstel voor de Wet bestendiging bevoegdheden biometrische gegevens vreemdelingen (36.859).
  • het voorstel voor de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 (36.871), op 17 december 2025 bij de Tweede Kamer ingediend. De minister merkt op dat het van groot belang is dat deze wet op 12 juni 2026 in werking treedt, tegelijk met het Pact zelf. Aanvullende informatie: in de Tweede Kamer is de schriftelijke voorbereiding van het wetsvoorstel inmiddels afgerond. Op 23 maart 2026 vindt een wetgevingsoverleg van de behandelende commissie met de minister plaats. Op een nader te bepalen moment daarna zal er plenair gestemd worden.
  • het wetsvoorstel Verblijf en toegang hooggekwalificeerde derdelanders (36.332), dat bij het vorige agendapunt al aan de orde kwam. De minister heeft de Eerste Kamer gevraagd het wetsvoorstel aan te houden totdat de nog in te dienen novelle haar heeft bereikt, en de behandeling van het wetsvoorstel daarna met voorrang ter hand te nemen. Dit mede vanwege de al op 18 november 2023 verstreken implementatietermijn en de door de Europese Commissie gestarte inbreukprocedure.

Bespreking


4.E250006

Verslag van een schriftelijk overleg met de minister van A&M inzake het voorstel voor een Terugkeerverordening; EU-voorstel: Voorstel voor een Terugkeerverordening (COM(2025)101)

Beslispunt

Welke fracties wensen heden inbreng voor nader schriftelijk overleg met de regering te leveren?

Toelichting

De commissie heeft het op 11 maart vorig jaar gepubliceerde voorstel voor een Terugkeerverordening sinds 22 april 2025 in behandeling. Op voorstel van de commissie heeft de Kamer een behandelvoorbehoud bij het voorstel geplaatst. In een daaropvolgend mondeling overleg met de (vorige) minister van A&M zijn er informatieafspraken met de regering gemaakt. De commissie heeft een technische briefing en een deskundigenbijeenkomst over het voorstel gehouden, en vervolgens bij brief van 10 oktober 2025 vragen aan de minister voorgelegd. Gevraagd werd om beantwoording binnen vier weken, maar de antwoordbrief dateert van 20 februari 2026. De antwoordbrief is, opvallend genoeg, zonder ambtelijke beslisnota naar de Kamer gestuurd. Het ministerie deelde desgevraagd mee dat er geen beslisnota beschikbaar was.

De commissie besloot in haar vergadering van 3 maart jl. om vandaag gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor nader schriftelijk overleg.


Inbreng nader schriftelijk overleg

5.E250006; 36.761

Voorstel voor een Terugkeerverordening; Brief van de Europese Commissie inzake beantwoording vragen over het voorstel voor een Terugkeerverordening; EU-voorstel: Voorstel voor een Terugkeerverordening (COM(2025)101)

Beslispunt

Wenst de commissie nadere vragen te stellen aan de Europese Commissie?

NB. de Europese Commissie streeft ernaar vragen binnen drie maanden te beantwoorden.

Toelichting

Op 4 november 2025 zijn in het kader van de politieke dialoog vragen gestuurd aan de Europese Commissie over het voorstel voor de Terugkeerverordening. De vragen zijn op 18 maart 2026 door de Europese Commissie beantwoord. Thans ligt de vraag voor of de commissie behoefte heeft aan het stellen van nadere vragen.


Bespreking brief Europese Commissie

6.Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer

Beslispunten

  • Wenst de commissie het voorstel in behandeling te nemen?
  • Zo ja, welke datum wenst de commissie dan te bepalen voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en/of de Europese Commissie?

Toelichting

Op 29 januari 2026 heeft de Europese Commissie een mededeling gepubliceerd met de titel Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer. De mededeling is in 2025 door de commissie als prioritair aangemerkt, als gevolg waarvan zij in de commissievergadering van 10 februari jl. geagendeerd is om de gewenste procedure te bepalen. De commissie heeft in die vergadering besloten de mededeling opnieuw te agenderen wanneer het BNC-fiche de Kamer is toegezonden.

Inmiddels is ambtelijk vernomen dat er geen BNC-fiche zal worden opgesteld voor de Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer. Wel is in de geannoteerde agenda van de formele JBZ-Raad van 5 en 6 maart 2026 (32.317, PY, p. 2-3; zie hieronder) een appreciatie van de strategie opgenomen. Daarnaast is de Nederlandse vertaling van het document inmiddels beschikbaar.

Appreciatie regering

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad: Europese asiel- en migratiebeheerstrategie

Op 29 januari jl. publiceerde de Commissie de vijfjaarlijkse strategie voor asiel- en migratiebeheer conform de gelijknamige verordening. In de strategie formuleert de Commissie vijf prioriteiten: 1) Migratiediplomatie intensiveren, 2) Sterke EU-grenzen voor betere controle en Veiligheid, 3) Een stevig, eerlijk en aanpasbaar asiel- en migratiestelsel, 4) Doeltreffender terugkeer en overnamebeleid, 5). Arbeids- en talentmobiliteit om het concurrentievermogen te stimuleren. De strategie is een herbevestiging van de lopende inzet op deze vijf prioriteitsgebieden; de afgelopen jaren zijn er op deze gebieden significante stappen zijn gezet. Voorbeelden hiervan zijn het akkoord over het Europese Asiel- en Migratiepact en de verschillende brede, strategische partnerschappen die de Commissie met landen buiten de EU is aangegaan. De aankomende vijf jaar staan in het teken van het bestendigen en versterken van dit beleid. Het kabinet verwelkomt de strategie en steunt in grote lijnen de prioriteiten die daarin geschetst worden. Hieronder wordt een korte appreciatie gegeven op de inzet van de Commissie op de vijf prioriteiten.

Het kabinet verwelkomt de focus van de Commissie op het verder vormgeven en versterken van de samenwerking met derde landen door middel van brede en wederkerige partnerschappen. Onderdeel hiervan is steun voor opvang in de regio, terugkeerondersteuning en de versterking van de aanpak van mensensmokkel, onder andere door de voorzetting van de Global Alliance Against Human Smuggling. Het kabinet kijkt in dat kader ook uit naar het Commissievoorstel voor een sanctie instrument tegen mensensmokkelaars. Hoewel de Commissie oog heeft voor innovatieve oplossingen in de strategie acht het kabinet het van belang dat de Commissie haar strategie verder concretiseert op dit punt om innovatieve oplossingen zoals terugkeerhubs en het veilig-derde-land concept te operationaliseren. De geschetste aanpak van de Commissie voor een breed spectrum aan maatregelen, waar naast de inzet op brede partnerschappen, ook het inzetten van negatieve maatregelen, waaronder visummaatregelen en het algemeen preferentieel stelsel, onderdeel van zijn, sluit aan bij de inzet van het kabinet.

Het kabinet onderschrijft het belang van het versterken van het buitengrensbeheer als één van de vijf prioriteiten voor de komende vijf jaar. De Commissie legt in dit kader de focus op het verder ontwikkelen en uitrollen van de digitale grensbeheersystemen waaronder het in-uitreissysteem (EES), het Europese systeem voor reisinformatieautorisatie (ETIAS), alsook de tijdige implementatie van de screeningsprocedure. Dit is in lijn met de inzet van het kabinet. In het verlengde daarvan is digitalisering en de inzet van technologische innovatie waaronder artificiële intelligentie, inclusief een aankondiging van een AI-forum, een focusgebied in de strategie. Daarnaast verwijst de Commissie naar de geplande herziening van de Frontex-verordening om grensbeheer te versterken. Voor Nederland staan, in lijn met de strategie, innovatie en informatiegestuurd optreden voorop bij het grensbeheer. Het is van belang dat het gebruik van nieuwe innovatieve systemen en verdere digitalisering van grensmanagement leidt tot versterking van informatie- en risico gestuurd optreden van grensautoriteiten. Het kabinet zet zich hier actief in de EU voor in. Daarnaast roept het kabinet in de EU op tot het aanpakken van structurele kwetsbaarheden en tekortkomingen van het Schengenacquis.

Op het EU asiel- en migratiestelsel benadrukt de Commissie, in lijn met Nederlandse inzet, dat een tijdige en volledige implementatie van het Pact noodzakelijk is. Het kabinet zet zich hier op Europees niveau stelselmatig voor in. De Commissie neemt verder een vlucht vooruit naar de evaluatie van de asiel- en migratiebeheerverordening (AMMR) en de asielprocedureverordening (APR), die aangekondigd is in 2027. Het kabinet zal dit nauwgezet volgen. Een goede evaluatie is cruciaal om te kunnen beoordelen hoe regelgeving wordt toegepast in de praktijk en om vast te stellen of er tekortkomingen zijn in de regelgeving.

De Commissie zet verder in op het bouwen aan een gemeenschappelijke Europees terugkeersysteem. De basis hiervoor moet in de toekomst de terugkeerverordening worden. De Commissie noemt ook expliciet de ontwikkeling van terugkeerhubs als onderdeel van het gemeenschappelijk Europees terugkeersysteem. Het is voor het kabinet een prioriteit om het terugkeersysteem en daarmee de terugkeercijfers in de EU te verbeteren en ziet het belang van het inzetten van het gehele EU-instrumentarium voor het verbeteren van de terugkeersamenwerking met derde landen. Ook steunt het kabinet dat de Commissie in haar strategie specifiek aandacht geeft aan terugkeer naar complexe landen en gebieden waaronder Syrië. Het kabinet blijft oproepen tot een gecoördineerde EU inzet op Syrië om irreguliere migratie tegen te gaan en terugkeer te bevorderen door bij te dragen aan het verbeteren van de veiligheid en socio-economische omstandigheden in Syrië.

Als laatste wil de Commissie stevig blijven inzetten op arbeids- en talentmobiliteit in de samenwerking met derde landen onder andere door bestaande talentpartnerschappen uit te breiden en nieuwe te lanceren. De Commissie introduceert geen wetgevende voorstellen, maar doet wel aanbevelingen om het bestaande EU-acquis beter te benutten, bijvoorbeeld door procedures te vereenvoudigen. In het bijzonder heeft de Commissie – samen met de EU-visumstrategie – een separate aanbeveling gepubliceerd over het aantrekken van talent ter bevordering van innovatie. Ook zet de Commissie in haar strategie in op het bestrijden van arbeidsuitbuiting en het bevorderen van integratie van arbeidsmigranten. Het is positief dat de Commissie arbeidsmobiliteit nadrukkelijker verbindt aan migratiediplomatie, met zowel aandacht voor kansen om talent aan te trekken, als voor risico’s die dat mee kan brengen, zoals arbeidsuitbuiting. Ook onderschrijft het kabinet dat kennismigratie nodig blijft voor het behoud van het concurrentievermogen van de Unie. Tegelijkertijd is het kabinet kritisch op het directe verband tussen arbeidsmigratie en tekorten op de arbeidsmarkt. Ook had het kabinet in dit verband graag aandacht gezien voor de problematiek rond doordetachering van derdelanders. Uw Kamer wordt voorts via het reguliere BNC-traject geïnformeerd over de aanbeveling van de Commissie inzake het aantrekken van talent ter bevordering van innovatie.

De vijfjarige asiel- en migratiebeheerstrategie van de Commissie vormt een goede basis voor de Europese asiel- en migratieagenda voor de aankomende jaren. Het kabinet kijkt daarom uit naar de verdere uitrol van de strategie en de daarmee samenhangende voorstellen.


Procedure

7.Mededelingen en informatie

Kennismakingsgesprek

Het kennismakingsgesprek met de minister van A&M staat gepland op 19 mei 2026 tussen 19:00 en 20:00 uur. Een kennismakingsgesprek is primair bedoeld om een toelichting te krijgen op de prioriteiten van de aanwezige bewindspersonen, waarover leden korte vragen kunnen stellen. Er worden geen toezeggingen genoteerd. De volgende onderwerpen zijn al vanuit de commissie aangedragen voor dit gesprek:

  • de procedurele positie van de Eerste Kamer en het tijdig indienen van wetsvoorstellen (D66);
  • de visie op mensenrechten (Volt), en
  • het reflecteren op de beantwoordingstermijn van brieven en de kwaliteit van de antwoorden (OPNL).

Leden kunnen desgewenst nog andere onderwerpen aan de griffie mailen en uiteraard kunnen tijdens het gesprek ook 'spontane' vragen worden gesteld.


8.Rondvraag