T01420

Toezegging Uitvoeringspraktijk transitverboden clustermunitie (32.187)



De minister van Buitenlandse Zaken zegt de Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Haubrich-Gooskens (PvdA) en Vliegenthart (SP), toe de Kamer schriftelijk te informeren over de uitvoeringspraktijk betreffende transitverboden voor clustermunitie tussen verschillende categorieën van landen en daarbij in het bijzonder aandacht te hebben voor de voorwaarden waaronder kan worden afgeweken van de uitvoeringspraktijk, zoals verdragen als het EU-verdrag, het NAVO-verdrag of 'in principe-verklaringen'.


Kerngegevens

Nummer T01420
Status voldaan
Datum toezegging 18 januari 2011
Deadline 1 juli 2011
Verantwoordelijke(n) Minister van Buitenlandse Zaken
Kamerleden mr. C.T.E.M. Haubrich-Gooskens (PvdA)
dr. A. Vliegenthart (SP)
Commissie commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen motie-Haubrich-Gooskens
Verdrag inzake clustermunitie
Kamerstukken Goedkeuring Verdrag inzake clustermunitie (32.187 (R1902))


Uit de stukken

Handelingen I 2010/11, nr. 14, item 2, blz. 12

De heer Vliegenthart (SP):

Voorzitter. Volgens mij zei de minister iets belangwekkends, namelijk dat hij geen vergunning verleent voor de doorvoer van clustermunitie van niet-NAVO-lidstaten en niet-EU-lidstaten naar elkaar. Hij zei daarbij wel "in principe". Laten we goed naar elkaar luisteren: wat bedoelt de minister, als hij zegt "in principe"? Is dit dan verboden, of is het verboden maar kunnen er uitzonderingen worden toegepast?

Minister Rosenthal:

Als ik spreek van "in principe", gaat het om onze lijn. Er kunnen zich wel uitzonderlijke situaties voordoen waarin van die lijn wordt afgeweken. Dat is voor mij de betekenis van "in beginsel".

De heer Vliegenthart (SP):

Het is dus niet principieel verboden, maar in principe verboden. Onder welke voorwaarden kan daarvan worden afgeweken? Voor mijn part beantwoordt de minister deze vraag pas in tweede termijn, maar dit vraagt wel om een toelichting.

Handelingen I 2010/11, nr. 14, item 2, blz. 16

De heer Vliegenthart (SP):

Dat geldt ook voor de tweede motie die is ingediend, waarbij wij ervan uit zouden moeten gaan dat transit in principe verboden is, tenzij er andere verdagen zijn die dat expliciet mogelijk maken. Dat kan het EU-verdrag zijn, het NAVO-verdrag of wat de minister noemde "in principe-verklaringen". Ik zou hem graag willen vragen wat dit betekent. Dat hoeft hij niet nu in tweede termijn te zeggen, dat zou ook in zijn brief kunnen. Om welke landen gaat het nu? Tussen welke landen mag er wel clustermunitie worden uitgewisseld en tussen welke landen niet? Ik zou graag van de minister willen horen dat wij dan uitgaan van een in principe-verbod, tenzij andere verdragen dit expliciet toestaan. Als dat de grondhouding zou kunnen zijn van de regering, dan zou mijn fractie daarover zeer tevreden zijn.

Handelingen I 2010/11, nr. 14, item 2, blz. 17

Minister Rosenthal:

Dan de tweede motie over de transit. Ik sta er ook wat dat betreft niet geheel alleen voor. Dat is in sommige zaken een troost. Het wapenexportbeleid is primair de verantwoordelijkheid van de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. De Kamer krijgt binnen twee weken van de staatssecretaris en mij een brief waarin wij duidelijk zullen maken hoe de regering de doorvoer van clustermunitie tussen de verschillende categorieën van landen zal behandelen.

Handelingen I 2010/11, nr. 14, item 2, blz. 17-18

Minister Rosenthal:

De Kamer krijgt de brief. De lijn die ik voorsta, mag de Kamer inmiddels duidelijk zijn. Ik ga ervan uit dat ik de Kamer samen met mijn collega's tevreden kan stellen in de brief die wij de Kamer zullen doen toekomen. Ik ben de Kamer verder erkentelijk voor de elegante wijze waarop zij de regering de ruimte biedt om in de komende twee weken ter zake te komen. Ik zie de moties zeker niet als een zwaard van Damocles, maar als een aansporing, zoals de heer Vliegenthart ook zei, om het goede te doen.

Handelingen I 2010/11, nr. 14, item 2, blz. 18

Mevrouw Haubrich-Gooskens (PvdA):

De minister heeft maar twee weken. Ik hoop niet dat hij op een dwaalweg terechtkomt als hij de kwestie om al of niet eventuele transitverboden te creëren, bij Economische Zaken neerlegt. Wij hebben het hier niet over wapenhandel, maar over transitverboden die ten opzichte van staten worden opgelegd. Ik denk dus dat het aan het ministerie van Buitenlandse Zaken is om dergelijke vergunningen te verlenen, of hooguit aan het ministerie van Defensie, maar niet aan het ministerie van Economische Zaken.

Minister Rosenthal:

Ik zal dit nog eens goed onder ogen zien in de boezem van het kabinet. Ik heb de Kamer in elk geval toegezegd dat zij binnen twee weken een brief krijgt over de kwestie. Mevrouw Haubrich weet dat er eenheid van regeringsbeleid is. Als ik een brief bij de Kamer laat komen, dan daalt die neer in de geest van alle bewindslieden die deel uitmaken van het kabinet. De heer Vliegenthart heeft een vraag gesteld over het bekende begrip "in beginsel". Ik herinner mij een scène van Koot en Bie, waarin gehakt werd gemaakt van het woord "in beginsel", maar wij hebben het ongeveer over hetzelfde. In principe betekent hier meer dan eigenlijk. In de brief zal ik ook laten weten hoe wij hiermee zullen omgaan.

De heer Vliegenthart (SP):

Ik dank de minister voor deze toezegging.


Brondocumenten


Historie