36.200 V

Begrotingsstaat Buitenlandse Zaken 2023



Dit wetsvoorstel bevat de begroting van uitgaven en ontvangsten voor het jaar 2023 van het ministerie van Buitenlandse Zaken.


Stand van zaken

De Tweede Kamer heeft het voorstel (EK, C) op 8 december 2022 aangenomen.

Voor: SP, GroenLinks, Volt, DENK, Fractie Den Haan, PvdA, Lid Gündoğan, D66, Lid Omtzigt, ChristenUnie, VVD, SGP, CDA, BBB en JA21.

Tegen: BIJ1, PvdD, PVV, FVD en Groep Van Haga.

De Eerste Kamer heeft het voorstel op 20 december 2022 zonder stemming aangenomen. PVV en PvdD is daarbij aantekening verleend.

De plenaire behandeling vond plaats op 20 december 2022.

Tijdens de derde termijn op 27 juni 2023 is de gewijzigde motie-Karimi (GroenLinks-PvdA) c.s. over ernstige en systematische schendingen van de mensenrechten in Iran (36.200 V, J) ingediend.

De Eerste Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) heeft bij brief van 22 februari 2024 nadere vragen gesteld aan de minister van BuZa naar aanleiding van het verslag van een schriftelijk overleg met de minister over de uitvoering van de motie Karimi c.s. over ernstige en systematische schendingen van de mensenrechten in Iran (EK, K met bijlage).


Kerngegevens

ingediend

20 september 2022

titel

Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) voor het jaar 2023

schriftelijke voorbereiding

ondertekening

inwerkingtreding

Met ingang van 1 januari van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na deze datum van 1 januari, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 januari.


Documenten

142
Bladeren:
[1-50] [51-100] [101-142] documenten
Bladeren:
[1-50] [51-100] [101-142] documenten