T02928

Toezegging De ministers van BZK en VWS te verzoeken de Kamer in het najaar van 2020 te informeren over de uitkomst van de principiële discussie om het College voor de Rechten van de Mens standaard op te nemen in de consultatierondes (35.213)



De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zegt de Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden De Bruijn-Wezeman (VVD) en Kox (SP), toe de ministers van BZK en VWS te verzoeken de Kamer in het najaar van 2020 te informeren over de uitkomst van de principiële discussie om het College voor de Rechten van de Mens standaard op te nemen in de consultatierondes


Kerngegevens

Nummer T02928
Status deels voldaan
Datum toezegging 19 mei 2020
Deadline 1 januari 2022
Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Kamerleden R.G. de Bruijn-Wezeman (VVD)
M.J.M. Kox (SP)
Commissie commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie brief/nota
Onderwerpen College voor de Rechten van de Mens
consultaties
VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap
Kamerstukken Verdere activering participatie jonggehandicapten en harmonisatie Wajongregimes (35.213)


Uit de stukken

Handelingen I 2019/2020, nr.27, item 7, p.31-32

Mevrouw De Bruijn-Wezeman (VVD):

Ik nam impliciet aan dat de staatssecretaris dit onderwerp gaat afronden. Ik had nog gevraagd of overwogen wordt — misschien heeft het college daartoe helemaal niet de mogelijkheden — om het college standaard op te nemen in de consultatierondes die we altijd bij wetsvoorstellen houden, want dan kunnen we al in een veel vroeger stadium hun reactie zien. Ik merk bij dit wetsvoorstel, maar ook bij andere wetsvoorstellen, dat iedere keer pas achteraf belangengroeperingen vragen of het daaraan is getoetst. De Raad van State toetst alleen aan dingen die niet conform zijn. Wordt eventueel overwogen om ze meteen in de consultatieronde in het wetgevingsproces op te nemen?

Staatssecretaris Van Ark:

Het college is natuurlijk een adviesorgaan van de regering, dus wat dat betreft zien we dat ze vaak in de consultatieronde reageren. Ik wil vragen of ik dit punt mag meegeven aan de collega's van VWS en Binnenlandse Zaken die dit gesprek voeren. Ik had ook gezegd dat ik het antwoord op dit soort zaken nog schuldig moet blijven aan de Kamer. Anders ga ik dit toch doen. Maar ik neem dit punt graag mee en breng het bij de collega's onder de aandacht.

De heer Kox (SP):

Dat is goed, maar dan krijgen we daar een antwoord op. Het maakt nogal uit. Dit is niet zomaar een college of een adviesorgaan zoals er zo velen zijn. In het kader van een door ons geratificeerd verdrag van de Verenigde Naties is dit de Nederlandse toezichthouder, zoals alle andere lidstaten voor dit verdrag een toezichthouder hebben. Die moet dus een rol spelen in het voorbereiden van beleid en regelgeving. Daar zijn de staatssecretaris en ik het toch over eens? Het is niet een orgaan dat ook iets kan zeggen, maar het is hét toezichthoudend orgaan in het kader van het VN-verdrag.

Staatssecretaris Van Ark:

Sowieso is het belang niet te onderschatten. Dat ben ik met de heer Kox eens. Kijkend naar de reflecties die zijn gedaan, denk ik dat we best nog wel een aantal dingen kunnen leren. Ik zeg er overigens ook bij dat een aantal dingen wel in overleg zijn gegaan. Een van die dingen is het vroegtijdig betrekken van mensen bij beleid. Ik hoop daar straks ook wat over te kunnen zeggen. Dat is iets wat echt in de genen zit van het ministerie. Het kan natuurlijk altijd beter. Deze discussie wordt nu ook principieel opgepakt vanuit VWS en BZK, want het gaat ook om welke positie je als parlement aan een adviesorgaan geeft. Ik vind het beter om die discussie daar te beleggen. De Tweede Kamer wordt in het najaar geïnformeerd. Ik kan me goed voorstellen dat dan ook de Eerste Kamer daarover wordt geïnformeerd.


Brondocumenten


Historie