T03272

Toezegging Het aanspreken van de Caribische landen van het Koninkrijk op hun autonome bevoegdheid om internationale verdragen te implementeren, waaronder een EVRM-proof uitwerking van de vluchtelingenprocedures in Curaçao (35.570 IV)



..De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Rosenmöller (GroenLinks), toe zich ervoor in te spannen om de Caribische landen van het Koninkrijk, op basis van aanbevelingen in het AIV-rapport, getiteld “Fundamentele rechten in het Koninkrijk: eenheid in bescherming”, aan te spreken op de implementatie van een aantal internationale verdragen, waaronder het EVRM-proof uitwerken van de vluchtelingenprocedure op Curaçao.


Kerngegevens

Nummer T03272
Status voldaan
Datum toezegging 6 april 2021
Deadline 1 juni 2023
Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Kamerleden P. Rosenmöller (GroenLinks-PvdA)
Commissie commissie voor Koninkrijksrelaties (KOREL)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie overig
Onderwerpen AIV, adviesaanvragen
implementatie
internationale verdragen
VN-Vluchtelingenverdrag
Kamerstukken Begrotingsstaten Koninkrijksrelaties en BES-fonds 2021 (35.570 IV)


Uit de stukken

Handelingen I 2020-2021, nr.33, item 7, p.42-43

De heer Rosenmöller (GroenLinks): Een aantal collega's kunnen zich denk ik nog goed de gesprekken herinneren die wij hadden bij de Koraal Spechtgevangenis, waar de barakken stonden en waar mensen al lang zaten. Dat zijn beelden die niet van je netvlies afgaan. U bent er vast zelf ook geweest. Eén van die elementen is dat Curaçao geen ondertekenaar is van het VN-Vluchtelingenverdrag. Vindt Nederland nu dat het land Curaçao er goed aan zou doen om dat te heroverwegen en zich wel aan te sluiten bij dat verdrag?

Knops: Het belangrijkste is …

De heer Rosenmöller (GroenLinks): Het mag gewoon met ja of nee.

Knops: Ja, nee dat ... Toch even een stap terug, zeg ik in de richting van de heer Rosenmöller. Het is een taak van de landen zelf om dit ordentelijk in te regelen. Wat voor mij van belang is, is dat je je houdt aan de richtlijnen die ook voor Nederland gelden, of je dat verdrag nu wel of niet ondertekent. Dat is wat we nu proberen te doen. Ik snap wel dat die handtekening heel belangrijk is, maar het gaat om de vraag of je de juiste procedures hebt ingeregeld. Het is echt aan het land Curaçao om dat te doen. Overigens worden er in het AIV-advies een aantal dingen over gezegd, onder andere over de manier waarop internationale verdragen geïmplementeerd worden in de verschillende landen. Daar worden nogal wat opmerkingen over gemaakt. Het kan dus ook beter. Alleen lijkt het mij niet zo gepast om het in deze fase waarin we nu verkeren aan Curaçao te vragen. Ik vind het veel belangrijker dat de praktische invulling ervan EVRMproof is, bestaande tekorten gesignaleerd worden, ertegen opgetreden wordt en ernaar gehandeld wordt. In alle vragen die ik daarover heb beantwoord — de Kamerleden hebben namelijk ook contacten en komen mensen tegen, en mensenrechtenorganisaties doen meldingen — kan ik niets anders, omdat wij daar ter plekke ook geen bevoegdheid en doorzettingsmacht hebben om te zeggen: u doet het niet goed. Het moet op basis van vrijwilligheid van de landen. Wij vinden het een heel belangrijk onderwerp. Ik heb dat regelmatig aan de orde gesteld in de gesprekken met de minister-presidenten. Maar wij hebben gezegd: het is aan de landen zelf. Wij willen de landen wel helpen en stellen middelen ter beschikking, maar zij moeten dan compliant zijn of handelen in lijn met deze verdragen.

De heer Rosenmöller (GroenLinks): Dat is toch best een lang antwoord. Ik kan mij heel goed voorstellen dat je toch net een iets minder formele benadering kiest dan de uwe. Ik denk namelijk dat het land Nederland vindt dat het goed is als zo veel mogelijk landen zijn aangesloten bij het VN-Vluchtelingenverdrag. Waarom zou je dan de vraag of Curaçao aangesloten zou moeten zijn, als land in ons Koninkrijk, niet gewoon bevestigend beantwoorden?

Knops: Omdat we zojuist een hele discussie hadden over autonomie en wat wel en wat niet voor of namens de landen gezegd zou kunnen worden. Ik vind dat de landen op de punten waar het aan hen is, op basis van het Statuut waar zij zich toe verhouden, ook gewoon die verantwoordelijkheid moeten pakken. Ik ben het niet oneens met de heer Rosenmöller als hij zegt dat het "goed zou zijn als". Maar het is niet aan mij, in mijn positie, om daar nu een oordeel over te geven. Het is niet aan mij om tegen Curaçao te zeggen wat ze wel of niet moeten doen. Wat voor Nederland van belang is, is dat die procedures goed ingeregeld zijn. We komen nog te spreken over het AIV-advies. We hebben daar ook al afspraken over gemaakt, want er zijn meer verdragen die nog ergens in de la liggen. Het lijkt mij dus sowieso een goed punt om dit met de landen verder op te pakken, maar ik zei al dat het mij in de huidige situatie, feitelijk midden in een crisis, niet het meest prioritaire onderwerp lijkt. Ik vind het belangrijk dat we binnen het Koninkrijk op een ordentelijke en humane wijze omgaan met mensen die asiel zoeken of zeggen dat ze asiel aanvragen en dat we een scheiding maken tussen mensen die vanwege migratiedoeleinden naar het Koninkrijk komen en mensen die echt recht hebben op bescherming. Volgens mij is dat waar het op dit moment, nu, om zou moeten gaan. Ik wil dit best een keer opbrengen in de contacten met de landen, maar dat moeten we dan ook in het proces van dat AIV-rapport doen, want er zijn meer zaken waar dit voor zou kunnen gelden.

De heer Rosenmöller (GroenLinks):

Ik denk dat we er in de derde ronde van dit interruptiedebatje uit komen. Want als u ons dat zou willen toezeggen, dan zeg ik: graag. Dat doet niets af aan de autonomie van de landen. Dat betreft eigenlijk gewoon het verkeer tussen landen in het Koninkrijk zoals dat in de Europese Unie ook plaatsvindt, waarbij je dingen van elkaar vraagt zonder dat je die vraag gelijk interpreteert als een interventie in de autonomie van een land in de EU of in dit geval een land in ons eigen Koninkrijk. De slotvraag zou dan zijn of u wel kunt garanderen — volgens mij doet u dat — dat de wijze waarop we dan met vluchtelingen omgaan, wel EVRM-proof is. Want dat is waar het uiteindelijk natuurlijk om gaat.

Knops: Als u mij nu vraagt of ik dat kan garanderen, dan veronderstelt dat dat ik ook daarvoor de verantwoordelijkheid zou dragen of zou kunnen dragen. Dat kan ik niet, want dit is een verantwoordelijkheid van het land. Maar ik kan wel zeggen dat wij er alles aan doen, ook met onze mensen, om ervoor te zorgen dat die procedures daar goed worden ingericht. Maar we moeten heel precies zijn over waar die verantwoordelijkheden liggen. Op het moment dat de heer Rosenmöller mij dus vraagt om garanties uit te spreken, veronderstelt dat dat ik daar een bevoegdheid in zou hebben. Die heb ik niet. Wel is het in het kader van de waarborgfunctie zo dat uiteraard altijd ultimo het Koninkrijk aanspreekbaar is in het geval dat er geen redres mogelijk is.

De voorzitter: De heer Rosenmöller, tot slot.

De heer Rosenmöller (GroenLinks): Daar heeft u helemaal gelijk in, voorzitter. De staatssecretaris heeft ook gelijk met betrekking tot de verantwoordelijkheidsverdeling. Maar dan maken we het even af. Dan zeggen we dat u zich inspant om het autonome land Curaçao er zo veel mogelijk op aan te spreken, opdat het inderdaad EVRM-proof is.

Knops: Dat lijkt me een aardige samenvatting van wat we overigens ook al doen in de contacten met de landen. Ik zou het dus iets willen verbreden, omdat er op basis van het AIV-rapport een aantal verdragen zijn waar deze discussie over gevoerd zou moeten worden, juist omdat het het hele Koninkrijk raakt. Het is ook in Nederlands belang om dit soort onderwerpen te adresseren en de landen waar nodig aan te sporen en aan te spreken op het feit dat men onderdeel van een koninkrijk is met alle rechten en plichten die daarbij horen.


Brondocumenten


Historie