Plenair Van Apeldoorn bij voortzetting debat over rechtsstatelijkheid, grondrechten en democratie in de Europese Unie



Verslag van de vergadering van 8 februari 2022 (2021/2022 nr. 16)

Status: gecorrigeerd

Aanvang: 19.58 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Van Apeldoorn i (SP):

Dank, voorzitter. Ik dank beide bewindslieden voor hun beantwoording. Ik sluit me graag aan bij de woorden van collega Huizinga dat we terugkijken op een goed en mooi debat in eerste termijn. Het was echter ook wat treurigstemmend, want volgens mij is er een brede consensus in deze Kamer — niet iedereen deelt die opinie, maar wel veel partijen — dat er een ernstige crisis is van de rechtsstaat in de Europese Unie en dat de oplossing niet nabij is. Dat stemt somber. Dat heeft te maken met het beperkte instrumentarium. Wat dat betreft ben ik blij met de toezegging van de minister aan mij en aan deze Kamer om zich in te zetten, in de context van een mogelijke discussie over een wijziging van het verdrag, voor een versterking van het instrumentarium en een betere verankering ervan als het gaat om de handhaafbaarheid en de afdwingbaarheid van de beginselen van de democratische rechtsstaat en voor het agenderen daarvan.

Ik ben ook blij dat de minister met mij en anderen bereid is om van het verleden te leren als het gaat om de uitbreiding die in de jaren 2000 heeft plaatsgevonden. Ik ben het zelden zo eens geweest met collega Van Ballekom als vandaag. De heer Van Ballekom schrikt bijna. Ik zou me er maar geen zorgen over maken — ik denk dat het een goed teken is — als het gaat om het leren uit het verleden en het niet nog een keer dezelfde fout maken. Het is goed dat de Kopenhagencriteria er zijn, maar we moeten ze ook na toelating kunnen blijven afdwingen en dat is nu niet het geval. Vooreerst dat gedaan is, kunnen we niet uitbreiden want dan vervallen we in dezelfde fout. We moeten dus eerst het eigen huis op orde krijgen.

Er zijn twee dingen die volgens mij nog niet goed beantwoord zijn. Ik heb de minister gevraagd — hij heeft er kort iets over gezegd — hoe het nu staat met de toetreding van de EU tot het EVRM, het mensenrechtenverdrag. Wat is nou precies de stand van zaken? Zit er schot in de zaak? Misschien kan hij daar in tweede termijn nog even op ingaan. Ik heb hem ook gevraagd wat hij ervan zou vinden als de EU zou toetreden tot het Europees Sociaal Handvest van de Raad van Europa om op die manier ook het sociale grondrecht beter te verankeren.

Tot slot. De minister van BZK noemde dat er een reactie gaat komen op het rapport van de Commissie van Venetië als het gaat om het toeslagenschandaal. Ze zei dat het in dit kwartaal naar de Kamer komt en ik hoop dat ze daarmee ook deze Kamer bedoelde. In ieder geval zien wij graag tegemoet dat het ook voor deze Kamer geadresseerd zal zijn, zodat wij daar eventueel nog vragen over kunnen stellen.

Nogmaals dank.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Van Apeldoorn. Dan geef ik het woord aan mevrouw Oomen-Ruijten namens de fractie van het CDA.