Interparlementaire Commissie Nederlandse Taalunie



Op 6 februari 2023 namen twee leden van de Staten-Generaal deel aan de vergadering van de Interparlementaire Commissie (IPC) van de Nederlandse Taalunie in het Vlaams Parlement te Brussel. Het betrof Tweede Kamerlid Martin Bosma (PVV, delegatieleider) en Eerste Kamerlid Paulien Geerdink (VVD). Vanuit het Vlaams Parlement namen zeven leden deel. De IPC controleert de Nederlandse Taalunie (NTU), een beleidsorganisatie waarin Nederland, Vlaanderen en Suriname samenwerken op het gebied van de Nederlandse taal, het taalonderwijs en de letteren. In de ochtend was de Vlaamse minister Weyts aanwezig om vragen van de leden te beantwoorden en werd de implementatie van de aanbevelingen uit het visitatierapport van de Taalunie besproken. Na een korte toelichting op het jaarplan voor 2023 van de Taalunie stond de rest van de middag in het teken van taalcompetentie en Neerlandistiek.


Vragen aan de minister van Onderwijs

's Ochtends beantwoordde de Vlaamse minister van Onderwijs, Ben Weyts, vragen van de IPC-leden die vooraf waren ingediend bij het Comité van Ministers van de Taalunie. Eén van de vragen ging over de totstandkoming van de adviestekst van de Taalunie inzake 'Taal en gender' over het vermijden van woorden die als discriminerend, denigrerend of vooringenomen kunnen worden ervaren doordat ze impliceren dat één bepaald gender of één bepaalde sekse de norm is. Volgens het Vlaamse IPC-lid Van Rooy loopt de adviestekst over van genderwaanzin. Tweede Kamerlid Bosma sloot zich hierbij aan. "Dit advies is een voorbeeld van het gebruik van taal als ideologisch middel door woorden uit het taalgebruik te halen zodat mensen niet meer op een bepaalde manier kunnen denken," aldus Bosma. Voorts werd ingegaan op de vraag van het Vlaamse IPC-lid Segers of de Taalunie zich extra kan richten op kennis van het Nederlands in het beroepsonderwijs. Senator Geerdink vroeg in dit kader extra aandacht voor dyslexie. 'Het brede aanbod en het versterken van vaardigheden is prachtig, maar één ding hoor ik hier niet en dat is dyslexie. Het ligt bij deze groep leerlingen niet aan de (on)wil maar aan een andere taalbeleving," zei zij.


Visitatierapport Taalunie

De algemeen secretaris van de Taalunie, Kris van der Poel, gaf een toelichting op de implementatie van de aanbevelingen uit het visitatierapport van de Taalunie 2021. Zo is er invulling gegeven aan de aanbevelingen in de jaarcyclus, het jaarplan en de actieplannen, bij de inrichting van het Algemeen Secretariaat en door het aanpassen van de rechtspositieregeling van de medewerkers. Martin Bosma wilde weten of de nieuwe rechtspositieregeling (mede) het gevolg is van kritiek in het verleden op de invloed van de medewerkers op het beleid. Ook vroeg Bosma wie zich bezighoudt met het Nederlands in het buitenland aangezien dat nergens expliciet is genoemd. Van der Poel antwoordde dat het nieuwe statuut de personeelsvertegenwoordiging (PVT) vooral een adviserende rol geeft in lijn met organisaties van vergelijkbare grootte. Over Neerlandistiek in het buitenland antwoordde zij dat die nu strakker is georganiseerd en verschillende mensen verantwoordelijk zijn voor Nederlands als vreemde taal op buitenlandse universiteiten, maar dat er één aanspreekpunt is. Paulien Geerdink constateerde dat de leden van de IPC ook wetgevers zijn en hetgeen de Taalunie brengt mee kunnen nemen naar hun wetgevende rol.


Taalcompetentie en Neerlandistiek

In het middagdeel werden toelichtingen gegeven over 'Taalcompetent in het Hoger Onderwijs' door hoogleraar Nederlandse Taalbeheersing en Academisch Nederlands Lieve de Wachter en lector Taalontwikkeling Jacqueline van Kruiningen. Behalve de manier waarop het kader voor taalcompetentie voor alle studenten in alle opleidingen tot stand was gekomen, werden de vier aspecten van taalcompetentie - bewustzijn van belang van taal, begrijpen van verschillende soorten informatie, verwerken van informatie en adequaat communiceren in verschillende contexten - kort toegelicht. Martin Bosma sprak zijn zorgen uit over de verengelsing van het hoger onderwijs, waarbij zowel het Engels van de docenten als het Nederlands van de studenten onder de maat is.


IPC

De Interparlementaire Commissie van de Nederlandse Taalunie is het parlementaire orgaan van de Taalunie. De IPC bestaat uit 11 Nederlandse en 11 Vlaamse volksvertegenwoordigers. Het voorzitterschap rouleert en is momenteel in Vlaamse handen. De IPC kan het Comité van Ministers aanspreken op het functioneren en op het realiseren van de doelstellingen van de Taalunie. Momenteel is Nederland voorzitter van het Comité van Ministers.


Deel dit item: